Speculant drijft olieprijs op

Hoe kan het dat de olieprijs spectaculair blijft stijgen, terwijl Amerika, de grootste olieverbruiker, op het punt staat in een recessie weg te zakken?

Het is een paradox. Amerika, ’s werelds grootste olieverslinder, goed voor een kwart van de mondiale consumptie, staat op de drempel van een recessie. Dus verlaagde het Internationale Energie Agentschap (IEA) onlangs de verwachte groeicijfers voor de mondiale olievraag.

Dan zou het voor de hand liggen dat de olieprijzen op zijn minst onder druk komen te staan. Maar in plaats daarvan blijven ze stijgen. Sinds op de eerste handelsdag van dit jaar in New York de psychologische grens van 100 dollar (per vat ruwe Amerikaanse olie) werd doorbroken, hebben handelaren alle schroom laten varen. De Amerikaanse olieprijs stond gisteren even boven de 111 dollar per vat, een nieuw record. Brentolie uit de Noordzee kost inmiddels 107 dollar.

De verklaringen waarom de olieprijzen blijven stijgen, lopen uiteen. „Speculerende beleggers zijn de oorzaak”, zegt energiedeskundige Benoit Nachtergaele van consultant AT Kearney. Die zienswijze komt overeen met de favoriete uitleg van de OPEC, het kartel van olie-exporterende landen. Nu de wereldwijde inflatie toeneemt en de dollar snel verzwakt, zoeken beleggers massaal hun toevlucht in relatief waardevaste beleggingen zoals grondstoffen. Niet het olietekort, maar beleggers drijven dus de prijzen op.

Maar volgens Cyril Widdershoven, olieanalist bij adviesbureau Cap Gemini, moet de voortdenderende prijsstijging wel degelijk worden gezien in het licht van een almaar toenemend tekort. Bassam Fatouh, onderzoeker bij het Oxford Institute for Energy Studies, valt hem bij. „De vraag naar olie in de VS mag dan dalen, in andere landen groeit die juist.” Cijfers van het IEA bevestigen dit. Hoewel de olievraag in de VS in 2008 met 95.000 vaten per dag zal dalen, wordt dat ruimschoots gecompenseerd door de groeiende vraag in Azië.

[Vervolg OLIE: pagina 15]

OLIE

Prijsdaling is onwaarschijnlijk

[Vervolg van pagina 1] Voor dit jaar wordt die geschat op 836.000 vaten per dag, bijna tien keer zoveel als de afname in de VS. China alleen al is goed voor tweederde van de mondiale groei van de vraag. Het Midden-Oosten ziet de vraag naar olie dit jaar met meer dan 400.000 vaten per dag toenemen. Het kurkdroge Saoedi-Arabië is, dankzij de zwaar gesubsidieerde energieprijzen voor zaken als watervoorziening, transport en airconditioning, per hoofd van de bevolking de grootste olieverbruiker ter wereld. Ook in Rusland blijft de vraag naar olie dit jaar sterk groeien, voorspelt het IEA.

Volgens de energiewaakhond van de rijke landen is een nieuw tijdperk aangebroken dat gekenmerkt wordt door hoge olieprijzen. „Het is onwaarschijnlijk dat de prijzen terugkeren op de niveaus van het begin van dit decennium”, schrijft het agentschap in Parijs in zijn jongste maandelijkse rapport over de mondiale oliemarkt.

De OPEC, die bijna 40 procent van de mondiale productie voor haar rekening neemt, zit aan de top van haar productievermogen en het kartel heeft haast geen reservecapaciteit meer. Omdat de olielanden verzuimden te investeren komt er ook haast geen nieuwe capaciteit bij. „In Nigeria blijft door onrust de productie achter. In Algerije, Liberia en Saoedi-Arabië lopen nieuwe projecten grote vertraging op”, zegt analist Widdershoven van Cap Gemini.

Vorige week besloot het oliekartel de productie niet te verhogen – ondanks aandringen van de Amerikaanse president Bush om dat wel te doen. Geen verhoging zou de Amerikaanse economie verder verslechteren.

„Niet-OPEC landen zoals Rusland (de grootste olie-exporteur ter wereld na Saoedi-Arabië, red.) konden het gat de afgelopen jaren voor een deel nog vullen. Maar nu moeten snelgroeiende binnenlandse markten in die landen ook worden gevoed, wat ten koste gaat van de export”, zegt Widdershoven.

Michael Lewis, analist bij Deutsche Bank, vindt ook onder deze omstandigheden de huidige olieprijzen overtrokken. De prijs had volgens hem lager moeten zijn. „Het huidige groeiniveau rechtvaardigt geen prijzen van 110 dollar per vat.”

De oliemarkt is volgens Lewis een beetje een „inconsistente markt” geworden, omdat die niet meer lijkt te reageren op toenemende olievoorraden in de VS en omdat er meer gekeken wordt naar wat de dollar doet. „Daar krabben wij ons ook wel eens over achter de oren.”

Maar olieprijzen van 80 tot 90 dollar of lager verwacht ook hij niet meer. Hij bevestigt het beeld van het IEA dat een nieuw tijdperk is aangebroken. Het verleden heeft volgens hem geleerd dat als de wereldeconomie minder groeit dan zo’n 2,5 procent per jaar, de vraag naar olie wezenlijk daalt en de prijzen fors afnemen. „Dat is nu niet het geval”, zegt hij.

Lees meer over de olieprijzen op nrc.nl/olie

    • Chris Hensen