Dylan-koorts: Contra

De film ‘I'm not there’ over het leven van Bob Dylan, verdeelt de geesten. Eerlijke visie op een originele traditionalist? Of pretentieuze scenario-ramp?

Dat het in de scenariofase een goed idee leek, kun je je goed voorstellen. Een speelfilm over het leven van Bob Dylan, de Amerikaanse zanger die zich altijd heeft verzet tegen categorisering, zou geen gewone biopic moeten zijn. Niet zo’n lineair verhaal dat begint met de jeugd van de held, waarin de eerste trekken van het genie al op de kleuterschool zichtbaar zijn. Zo’n soepel heldenverhaal waarin een ‘nobody’ een American Icon wordt.

Zo makkelijk heeft regisseur Todd Haynes het zichzelf niet willen maken. In plaats daarvan: een deconstructie van Dylans leven, waarbij verschillende acteurs de held spelen en bovendien diverse episoden uit Dylans bestaan worden vermengd met verschillende fasen uit zijn kunstenaarschap – chaotisch en onoverzichtelijk als dat leven en werk zelf.

Een goed idee blijkt een pijnlijke mislukking. I’m not there is een chaotische film, en voor wie niet tevoren al behoorlijk was ingevoerd in Dylan, goeddeels onbegrijpelijk. Twee uur lang sleept de film zich voort, en al die tijd is er kop noch staart aan te ontdekken. In de laatste montagefase hebben de makers nog geprobeerd de zaak te redden door extra snel heen en weer te schakelen tussen alle verschillende acteurs, invalshoeken en episoden. Maar waar geen inhoud van betekenis is, baat geen vertoon van dynamiek meer.

De enige geloofwaardige scènes zijn in zwart-wit gefilmde remakes van overbekende beelden uit documentaires als Don’t look back van Pennebaker of No direction home van Scorcese. Echt pijnlijk zijn de kleurenfragmenten waarin wordt gepoogd om Dylan toch nog een beetje middle-of-the road Amerikaanse uitstraling te geven, als gelukkige vader bijvoorbeeld. Daaromheen wemelt het van de pretentieuze, niet gelukte transposities van de Dylan-figuur. Richard Gere als Billy the Kid, of Woody Guthrie gespeeld door een klein zwart jongetje die bovendien nog vermoord wordt – wie weet waar het op slaat, mag het zeggen.

In zekere zin is I’m not there een leerzame mislukking: een waarschuwing voor scenarioschrijvers en filmmakers. Voor het maken van een film moet je positie kiezen. Met een eigen invalshoek had Todd Haynes aan de vele ‘historische’ Dylans nog een nieuwe, zijn eigen, kunnen toevoegen. Die had natuurlijk veel kritiek geoogst, want Dylan laat zich niet vastpinnen, en elke Dylan-fan koestert zijn eigen versie van de zanger. Maar Haynes’ film zou meer geweest zijn dan een onbeduidend plaatjesboek.

Discussieer mee op nrc.nl/cultuurblogDe film draait sinds deze week in de Nederlandse bioscopen.

    • Raymond van den Boogaard