Beursgang China Railway viel niet tegen

Het is vreemd om de beursgang van China Railway Construction (CRCC) als teleurstellend omschreven te horen worden. Het bouwbedrijf, dat een hogesnelheidslijn naar Tibet heeft aangelegd, heeft niet alleen 5,5 miljard dollar aan nieuw kapitaal binnengehaald, maar zijn aandelenkoers is op de eerste handelsdag in Shanghai eerder deze week ook met 28 procent gestegen. Zelfs de koers op de iets sceptischer markt van Hongkong klom gisteren met 12 procent. Hoe je het ook wendt of keert, dit lijkt een fraaie prestatie te midden van een mondiale kredietcrisis. Maar dat beeld klopt helaas niet.

In de verwrongen logica van de Chinese kapitaalmarkten wordt de transactie van CRCC gezien als de grootste tegenvaller tot nu toe dit jaar. Neem de koersstijging van de eerste dag in Shanghai. Het gemiddelde stijgingspercentage na beursintroducties op het Chinese vasteland bedroeg vorig jaar zo’n 187 procent.

Nieuwe beursnoteringen in Hongkong – waar aandelen van dezelfde Chinese bedrijven worden verhandeld tegen koers-winstverhoudingen die de helft bedragen van de waarderingen in Shanghai – deden het op hun eerste handelsdag gemiddeld twee keer beter dan CRCC. Er is duidelijk iets veranderd in de fundamentele factoren die ten grondslag liggen aan de Chinese groei.

Maar die uitleg houdt geen stand. Zelfs als je het idee even loslaat dat China, India en andere ontwikkelingslanden hun economieën hebben losgekoppeld van die van de VS, is moeilijk in te zien hoe dat veel uit zou kunnen maken voor CRCC.

De vroegere afdeling van het Volksbevrijdingsleger zal ongeveer de helft van alle met de Chinese spoorwegen samenhangende bouwprojecten voor haar rekening nemen. En met die projecten zal de komende twaalf jaar naar schatting zo’n 300 miljard dollar gemoeid zijn. Dat is een bedrag dat niet veel zal veranderen als Amerikaanse hypotheeknemers hun huizen verliezen als gevolg van de subprimecrisis.

Met andere woorden: het teleurstellende beursdebuut van CRCC heeft niets te maken met de vooruitzichten van de activiteiten waarmee het bedrijf zich bezighoudt of de economie van het land waarin het functioneert. Vreemd genoeg hebben Chinese beleggers een groter enthousiasme aan de dag gelegd voor de beursgangen van bedrijven waarvan de lotgevallen aantoonbaar gevoeliger zijn voor de Amerikaanse kredietcrisis en groeivertraging.

Het heeft dus meer te maken met de stemming onder beleggers. Dat ze juist nu hun zorgen uiten over de gezondheid van de wereldeconomie, bij de beursgang van een bedrijf dat daar het minst gevoelig voor is, toont aan hoe weinig verstand van zaken de nieuwe klasse van Chinese aandeelhouders nog steeds heeft.

Rob Cox

    • Rob Cox