Voor oma is schieten met een kalasjnikov kinderspel

Aleksandra Regie: Aleksander Sokoerov. Met: Galina Visjnevskaja, Vasili Sjevstov, Raisa Gichaeva. In: Filmmuseum, Amsterdam en Filmhuis Den Haag. ****- scene uit de film Alexandra (2007) FOTO: A-Film A-Film

Aleksandra

Regie: Aleksander Sokoerov. Met: Galina Visjnevskaja, Vasili Sjevstov, Raisa Gichaeva. In: Filmmuseum, Amsterdam en Filmhuis Den Haag.

In zijn nieuwste film Aleksandra is Aleksander Sokoerov (1951), die vijf jaar geleden internationaal doorbrak met Russian Ark , niet alleen de Rembrandt onder de filmmakers, maar ook een componist. Dat komt omdat hij vanaf de klassieke ouverture van de film de speciaal gecomponeerde muziek van zijn vaste componist Andrei Sigle (in een uitvoering van het Mariinsky Symfonieorkest onder leiding van Valery Gergjev) een belangrijke rol geeft bij het vertellen van het elegische verhaal.

En omdat de statige operaster Galina Visjnevskaja (de weduwe van de beroemde cellist Mstislav Rostropovich) de hoofdrol speelt van een grootmoeder die op bezoek gaat bij haar als eliteofficier gelegerde kleinzoon.

Maar de muzikaliteit van Sokoe-rovs anti-oorlogsfilm zit ’m vooral in het simpele en enigszins absurde uitgangspunt: hoogbejaarde oma Alek-sandra trekt oorlogsgebied binnen op gezelligheidsvisite bij kleinkind. Dat gegeven wordt in diverse toonaarden en variaties uitgespeeld: Aleksandra die in een legertrein in het kamp in the middle of nowhere arriveert; Aleksandra die met haar kleinzoon rijen soldaten die hun geweren schoonmaken inspecteert alsof ze een hooggeplaatste generaal is; Aleksandra die haar hand op versleten canvas en vuil metaal legt; Aleksandra die in een tank kruipt, een kalasjnikov tegen haar schouder zet, op de lucht richt en zegt: ,,Kinderspel’’.

De naam ‘Tsjetsjenië’ valt in de film nergens. Men is ‘ergens in de Kaukasus’, bij een oorlog die woedt terwijl het leven doorgaat, die al „zo lang wordt gevochten dat we eraan gewend zijn geraakt”. Maar het is duidelijk dat Sokoerov – door rondom Grozny te filmen – in Aleksandra commentaar levert op de zinloosheid van een conflict dat in zijn ogen geen begin en geen einde kent.

Aleksandra is niet zo mystiek en hermetisch als de familieportretten Moeder en zoon (1996) en Vader en zoon (2003), al had de film door de fysiek (af)tastende manier waarop hij de familierelatie tussen een vitale, doch stervende vrouw en een ten dode gedoemde man in de kracht van zijn leven onderzoekt ook best Grootmoeder en kleinzoon kunnen heten, en zo het drieluik kunnen vervolmaken.

Niemand anders dan Sokoerov kan de tragiek van zijn land vangen in even simpele als krachtige beelden als dat van de jonge soldaat die de haren van zijn oude grootmoeder kamt. Het is een beeld dat de tijd overstijgt. Ze is zijn geliefde én moedertje Rusland, dat ten dode is opgeschreven.

    • Dana Linssen