Voor eerst na 5 jaar weer meer arme kinderen

Het aantal kinderen dat in armoede opgroeit, stijgt licht nadat het vijf jaar lang was gedaald. In 2006 leefden 242.000 kinderen in een gezin dat afhankelijk is van een uitkering, 1,6 procent meer dan in 2005.

Dit blijkt uit het vandaag gepubliceerde rapport Kinderen in Tel van het Verwey-Jonker instituut. Het onderzoek is gedaan in opdracht van tal van organisaties die zich inzetten voor kinderen, zoals Unicef en Jantje Beton. Dit is het derde jaar dat het instituut in kaart brengt in welke sociaal-economische omstandigheden kinderen opgroeien. Voor het eerst heeft Kinderen in Tel ook een ranglijst gemaakt van wijken, naar positie van kinderen. Ze hebben twaalf indicatoren laten meewegen, zoals kindersterfte, ouders met een uitkering, tienerzwangerschappen en jeugddelinquentie. Die indicatoren zijn gebaseerd op het Internationale Verdrag voor de Rechten van het Kind.

In de Schepenbuurt in Leeuwarden leven relatief de meeste kinderen in een gezin waar de ouders van een uitkering leven (62,5 procent). De onderzoekers wijzen erop dat er grote verschillen bestaan bínnen gemeenten. Van de gemeenten met veel arme gezinnen, is Rotterdam koploper. Wat opvalt aan de toptien van gemeenten, is dat op de drie grootste steden na het om uithoeken van het land gaat: Heerlen, Vlissingen, Reiderland (Groningen), Het Bildt (Friesland), Almelo en Kerkrade. De beste gemeenten voor kinderen om op te groeien zijn Sevenum (Limburg), Vlieland, Bunnik, Oostzaan, Alphen-Chaam, Eemnes en Uitgeest.

Enkele opmerkelijke bevindingen: in Limburg en Friesland komt de meeste kindersterfte voor. Limburg telt ook relatief veel tienerzwangerschappen: Kerkrade, Heerlen, Brunssum en Roermond staan in de toptien.

Het rapport laat zien dat veel omstandigheden voor kinderen wel zijn verbeterd: er zijn minder jongeren werkloos, minder kinderen lopen risico op een leerachterstand, het aantal tienermoeders is gedaald en kinder- en zuigelingensterfte komen minder voor.