Strukton kan geen technici vinden

Bouwbedrijf Strukton heeft een groot tekort aan technisch geschoold personeel. Mede hierdoor kan de volle dochter van NS niet zo hard groeien als zij zou willen. Dit zei bestuursvoorzitter Gerrit Witzel gisteren in een toelichting op de jaarcijfers.

„Onze autonome groei wordt beperkt door een gebrek aan mensen. We komen tussen de 150 en 200 werktuigbouwkundigen en elektrotechnici tekort”, zei Witzel. Het bedrijf overweegt het onderwijs in eigen hand te nemen. „Misschien moeten we wel terug naar de aloude bedrijfsschool.”

De omzet van Strukton nam over 2007 wel toe met 20 procent tot 1,14 miljard euro. Dit was vooral te danken aan de prestaties van de divisies bouw en vastgoed en aan de bijdrage van het bedrijf Worksphere, dat in 2006 werd overgenomen van Stork. Maar de nettowinst daalde van 30,6 miljoen euro naar 15,3 miljoen. Strukton werd geconfronteerd met hoge inschrijfkosten bij publiek-private-samenwerkingen (pps) en tegenvallers bij eerder afgesloten contracten.

De cijfers van Strukton zijn geconsolideerd in die van NS, die vorige maand werden gepubliceerd, maar Witzel benadrukt dat hij aan het hoofd staat van een zelfstandige onderneming. „NS is onze aandeelhouder, maar dat beperkt onze strategie niet. Zo regelen we onze eigen financiering.” Strukton richt zich vooral op investeringen in het buitenland. „In Nederland kunnen we nauwelijks groter worden. Hier hebben we maar één klant: Prorail”, aldus Witzel.

Strukton verwacht voor dit jaar een „forse” toename van het nettoresultaat en de omzet. Het bedrijf is een van de bieders in twee grote huisvestingsprojecten. Strukton wil ook overnames blijven doen in binnen- en buitenland.

Witzel wilde niet ingaan op de vraag of zijn bedrijf niet beter af zou zijn als zelfstandige, beursgenoteerde onderneming. „Daar gaat NS over en niet wij.” De staat is op zijn beurt de enige aandeelhouder van NS. Het standpunt van de regering is op dit punt onduidelijk. Minister Bos (Financiën) zei vorig jaar dat NS zich zou moeten richten op „kernactiviteiten, te weten het op tijd veilig rijden en het vervoeren van reizigers.” Railbouw valt daar niet onder. Bos zei later dat de overheid geen staatsbedrijven meer zou moeten verkopen.