Na de storm

Na de roddel, de spot en de speculaties de stilte. De emoties zijn blijkbaar te hoog opgelopen. De tegenstrijdigheden kunnen niet zomaar worden verzoend. Er is een adempauze nodig.

De echte kwaadaardigheid ontbrak ook. Zonder kwaadaardigheid is roddel een ruis die snel verveelt.

Ik zie Fernando komen aanlopen, met zijn vrouw achterin de bak van de ezelkar. Bij de bron passeren ze Maria Elena met de drie wratten, die aandachtig staat te kijken hoe mooi de gemeente de voegen tussen de granietblokken heeft gewit. Ze zeggen elkaar niets.

Ik zie hoe Genoveva de takken opraapt die her en der op de grond liggen na het snoeien van de olijfbomen. Dit jaar hebben de bomen een grote beurt gehad. Er ligt voor weken aan brandhout. Op het zandpad naast de olijfgaard staart Ironside vanuit zijn rolstoel naar de lucht. Ik heb hem een tijdje oplettend gevolgd, omdat ik wil weten of hij de vogelstand taxeert of de kans op regen, dus ik weet zeker dat hij ongebruikelijk lang geen woord met Genoveva heeft gewisseld.

Morgen is het de laatste dag van het jachtseizoen. Dan moet er iets te schieten vallen. Er moet ook veel houtafval op de grond worden verbrand. Dan kan het gras maar beter niet al te droog zijn. Loeren naar de vogels of loeren naar de regenwolken, het zou voor de rijdende vraagbaak Ironside allebei mogelijk zijn. Maar dat hij er zo abrupt bij zwijgt is schokkend.

Zouden ze van zichzelf geschrokken zijn?

Iemand beschuldigen van moord is tot daar aantoe, maar de spot drijven met de mensen die boven je zijn gesteld is andere koek. Aan eerlijkheid, kuisheid en vergevingsgezindheid kan worden getornd, maar aan gezag, aan rang en stand – dat is een ander hoofdstuk.

Misschien is er een grens overschreden. Misschien voelen de roddelaars dat ze met hun parodie op de oude, pre-revolutionaire machten te ver zijn gegaan. Misschien vrezen ze nu de wraak van een onzichtbare hand. Zoiets moet het zijn. De oude machten zijn nooit verdwenen, al wordt door de nieuwe machten nog zo luid omgeroepen van wel. Angst en onderdanigheid zijn geen seizoensgebonden eigenschappen, ze nestelen zich onder je huid. Je gaat er naar stinken. En bovendien, niemand gooit de hele inleg van zijn leven weg.

Ik geloof dat de oude machten veel invloed hebben verloren, tenminste op dorpsniveau. Maar ook dit keer durfden de dorpelingen het niet aan de onder hun huid sluimerende littekens van de intimidatie voorgoed nietig te verklaren. De verbeelding heeft het gewonnen van de realiteit.

Het is werkelijk doodstil in het dorp.

Ik hang maar wat voor de televisie. Meer blijft er niet over als de roddel stilvalt. Kijken naar de televisie is het enige alternatief voor de dooie uurtjes. Voor de zoveelste keer wordt een serie herhaald over hoe slim de Portugezen in de wereld waren en hoe grandioos hun geschiedenis. De populaire reeks wordt aan elkaar gepraat door José Hermano Saraiva, die als een arrogante kwast door het beeld springt en door iedereen vol ontzag ‘de professor’ wordt genoemd. Veertig jaar geleden was hij minister van onderwijs in het kabinet van Salazar.

Gerrit Komrij