Groter, machtiger dan ooit

Het Europees Parlement vierde gisteren zijn vijftigste verjaardag in Straatsburg.

Wat begon met een clubje van parttimers is uitgegroeid tot een „machtig orgaan”.

Een orkest speelde gisteren in het Europees Parlement ter gelegenheid van de vijftigste verjaardag. Foto AFP An orchestra performs in the hemicycle of the European Parliament in Strasbourg on March 12, 2008, during celebrations for its 50th anniversary. 142 delegates met for the first time as the European Parliamentary Assembly on March 19, 1958. The European Parliament now has 785 members from 27 countries. AFP PHOTO / OLIVIER MORIN AFP

Nergens zijn feestversieringen in het gebouw van het jarige Europees Parlement in Straatsburg. De feeststemming heerst wel in de plenaire vergaderzaal. Wat vijftig jaar geleden begon met een clubje van 142 hobbyisten en andere parttimers is uitgegroeid tot het meest productieve democratisch orgaan, verklaart even later EP-voorzitter Hans-Gert Pöttering. „Wij zijn een factor van macht in de Europese politiek geworden. Wij zijn een voorbeeld in hele wereld.” Nee, voor reflectie en zelfkritiek is de plenaire vergaderzaal dezer dagen niet de geschikte plaats.

We moeten het Europarlement niet groter maken dan het is, vindt Joost Lagendijk, die al tien jaar namens GroenLinks zitting heeft in het Europarlement. „Maar we moeten er ook niet minachtend over zijn.” Zo wil Lagendijk voor geen goud neerstrijken in Den Haag. Wat hij in Europa heeft „bereikt” zou hij als lid van de Tweede Kamer nooit kunnen bewerkstelligen. Lagendijk is voorzitter van de Turkije-commissie en hij is Kosovo-rapporteur. „Als ik in Turkije of Kosovo spreek, wordt er naar me geluisterd. Zo kan ik veel meer bereiken dan als een nationale parlementariër van een van de 27 lidstaten. Ik ben bekender in Turkije dan in Den Haag.”

Als een van de geneugtes van het Europarlement noemen Lagendijk en zijn collega Dorette Corbey (PvdA) het ontbreken van oppositie en regeringspartijen in het Europarlement. „Daardoor ligt het strijdtoneel bij ons meer open en kun je op basis van argumenten medestanders verzamelen”, zegt Corbey. Een Tweede Kamerlid staat misschien wel wat hoger in aanzien, maar Corbey heeft lekker meer invloed op milieu en energiewetgeving, vertelt ze. „Ik ben veel meer rechtstreeks betrokken bij wetgeving dan mijn Nederlandse collega. Die kan hooguit iets proberen te bereiken via de minister, die slechts één van de 27 ministers in de Unie is.”

Net als Lagendijk zou ook Corbey willen dat het Europarlement zich meer bezighoudt met hoofdzaken. De Commissie controleren, meer politieke debatten voeren. Meer politicus zijn, minder ambtenaar. EP’ers houden zich bezig met veel meer terreinen dan Kamerleden en zij regelen alles tot in de kleinste details. Dat vergt veel meer technische kennis dan de meeste EP’ers hebben, betoogt zij. Corbey en haar medewerker komen er niet aan toe om alle amendementen te lezen, zich meters dikke technische dossiers eigen te maken. Daardoor hebben lobbyisten veel invloed in het Europarlement, erkent zij. „Lobbyisten leveren soms kant en klare amendementen aan parlementariërs.” Heel vaak doet zij er niets mee. Dan ziet zij andere collega’s amendementen indienen die zij eerder weigerde. „Drama voor de democratie”, zegt Corbey, ook al neemt zij soms wel amendementen van lobbyist over. Zoals die van de Gasunie die zij gisteren indiende, over de ontkoppeling van de energiemarkt. De Gasunie pleit voor een gehele ontkoppeling van de markt, dat het netwerk niet langer beheerd wordt door producenten waardoor „bureaucratisch toezicht’’ niet langer nodig is. „Dit amendement past in mijn politiek beleid, anders zou ik het niet ingediend hebben. Ik ben geen loopjongen van de Gasunie.”

    • Ahmet Olgun