Salade d’artichauts

Voor 4 personen als voorgerecht:6 artisjokharten (255 gram) uit blik2 eetlepels zoute kappertjes, geweekt6 halve gedroogde tomaten (70 gram) onder olie 25 gram ontpitte Taggiasca olijven (of andere zwarte olijfjes)Ligurische olijfolie extra verginegrof zeezout in de molenzwarte peperkorrelsrucola, gewassen en gedroogd (facultatief)

Dit voorgerechtje wordt gemaakt met allerlei ingrediënten die standaard op voorraad kunnen zijn – behalve dan de rucola maar die toevoeging is niet onontbeerlijk.

Artisjokharten uit blik willen wel eens een vervelende zure smaak bij zich dragen vanwege de conserveringsmiddelen die de fabrikanten gebruiken bij het inblikken. Spoel ze om die reden goed af onder stromend water; beter nog is om ze in koud water te leggen, dit langzaam aan de kook te brengen en vervolgens de artisjokharten af te gieten. In die tijd kunnen ook de zoute kappertjes worden geweekt en wie ze bij de artisjokharten in het koude water stopt en mee verwarmt, slaat twee vliegen in een klap.

Bereiding: Laat de artisjokharten en de kappertjes goed uitlekken en dep ze droog. Snijd de artisjokharten in 4 of 6 partjes, afhankelijk van de grootte. Snijd de gedroogde tomaathelften over de lengte in 5-6 smalle reepjes. Ontpit eventueel de olijfjes.

Doe dit alles tezamen op een platte serveerschaal en strooi een handje rucola (steeltjes ingekort en het blad eenmaal doormidden gesneden) over de salade. Besprenkel de salade royaal met 3-4 eetlepels olijfolie en maal er grof zeezout en zwarte peper naar wens over.

Serveer hierbij geroosterd pain grand-mère (over dit brood schreef ik al vele malen op deze plek), besprenkeld met wat van die heerlijke olijfolie.

Florine Boucher

Morgen: Ossenhaas Wellington

    • Florine Boucher