Ruige gitaar en mooie melodie

De twintigers Goldwasser en Vanwyngarden van de nieuwe popsensatie MGMT raakten geïnspireerd door David Bowie en The Doors. Maar hun nummers klinken opvallend tijdloos.

Ben Goldwasser (links) en Andrew Vanwyngarden Foto Isabel Nabuurs 06-03-08, Amsterdam, MGMT Foto: Isabel Nabuurs Nabuurs, Isabel

Ze kennen hun klassiekers. Zanger Andrew Vanwyngarden en toetsenman Ben Goldwasser, kern van de nieuwe popsensatie MGTMT, zijn de twintig net gepasseerd, maar de muziek van hun debuutalbum Oracular Spectacular klinkt als een verbond van muzikale helden uit de jaren zestig en zeventig: T. Rex, The Doors, Sparks en David Bowie. „Het zal wel aan onze muziekcollecties liggen”, zegt Vanwyngarden. „Die is nogal psychedelisch.”

Vorige week maakten de twee Amerikanen hun Nederlandse podiumdebuut, in het bovenzaaltje van Paradiso, Amsterdam. Ze traden er op met een rockband die klonk alsof ze de glamrock ter plekke uitvond.

Diezelfde middag wilden Vanwyngarden en Goldwasser hun interviews niet op een saaie hotelkamer afwikkelen. Dus wijken ze uit naar een voormalig peeskamertje op de Amsterdamse Wallen, nu een kunstgalerie. De muziek van MGMT klinkt volwassen en tijdloos. Een melodieuze synthesizerriedel geeft zo nu en dan een frivole draai aan hun nummers. Hun songs dragen titels als Future reflections en 4th Dimensional transition, alsof ze afkomstig zijn uit een ander universum. Goldwasser: „Tijdens het schrijven verplaatsen we ons in ons hoofd vaak naar een vreemde wereld. In de jaren zestig gebruikten muzikanten geestverruimende middelen om aan inspiratie te komen. Wij hebben dat niet nodig.” Ze zijn, willen ze maar zeggen, al voldoende psychedelisch geraakt door de muziek van Bowie en anderen.

In de tv-show van de Amerikaanse presentator David Letterman speelden ze een citaat van The Doors, aan het eind van hun tamelijk briljante single Time to pretend. „We willen popmuziek maken die even tijdloos zal blijken als die van onze grote voorbeelden”, aldus Goldwasser. „Voorlopig is dat een kwestie van hard werken.”

Beide jonge mannen troffen elkaar op de universiteit van Middletown, Connecticut. Toen ze naar elkaars mp3-collecties luisterden, bleek dat hun smaken overeen kwamen. Van het een, zeggen ze, kwam het ander. Andrew Vanwyngarden heeft een bijzondere stem en is bekwaam met tekst en zangmelodieën. Ben Goldwasser kon al aardig pianospelen: „Gelukkig was ik geen wonderkind, want dan was ik waarschijnlijk in de klassieke hoek terecht gekomen.”

De groepsnaam MGMT wordt op internet gebruikt als afkorting voor ‘management’, maar, zegt Vanwyngarden: “Je mag er van maken wat je wilt.” Memphis Group from Middle Town? „Ja, ik kom oorspronkelijk uit Memphis, ben opgegroeid tussen alle ophef rond Elvis Presley en de oude soulmuziek. Maar Memphis kent ook een heel interessante indie-garagarockscene. Elvis en Graceland zijn voor de toeristen, dat heeft me nooit geïnteresseerd. Ruige gitaarmuziek en aantrekkelijke popmelodieën zijn mijn grote passies. Die wil ik combineren.”

Pessimistisch zijn ze over de toekomst. Goldwasser: „Veel van onze favoriete popmuziek heeft een doemgevoel. Daar is op zich niks mis mee; je kunt er juist kracht uit putten om zo hier en daar een lichtpuntje te zien.”

De nummers van hun verre van chagrijnig klinkende album Oracular Spectacular waren al grotendeels af toen ze de studio in gingen met producer David Fridmann, bekend van zijn werk met Mercury Rev en Flaming Lips. „Hij hielp ons de muziek uit te bouwen tot iets magistraals, iets dat groter was dan de eenvoudige demo’s die we zelf in elkaar hadden geknutseld. We verkeren in de gelukkige positie dat ons eerste album beter klinkt dan we in onze stoutste dromen hadden durven dromen.”