Medische zorgen van artsen en patiënten

Ze zijn er weer, onze vrienden en vooral vriendinnen van Seattle Grey Hospital: Grey’s anatomy. Nu op maandagavond. Mooie Izzie, Meredith met haar altijd wat betraande oogopslag, de stoere Alex Karev, dokter Shepard, oh dokter Shepard, knap, lief, begrijpend, zúlke biceps, strenge dokter Baily met haar hart van goud, en dan de patiënten natuurlijk. Maandagavond zagen we een hoogzwangere vrouw met een afgerukte arm en hoewel iedereen het eigenlijk te druk had met zijn of haar liefdesproblemen en familierelaties werd die arm toch teruggevonden en er netjes weer aangezet en en passant werd ook de baby geboren. Op een andere operatiekamer werd een man wiens hoofd alleen nog maar met wat spierweefsel aan zijn romp vastzat geopereerd door een chirurge die verlangend in de verte zat te zuchten en toch ging ook die operatie hartstikke goed. Misschien werd er ondertussen ook nog even een ruzietje beslecht.

Kan allemaal in een serie. Er gaat daar ook wel eens wat mis hoor en dan is iedereen even ontsteld, maar dan komt iemands verloren gewaande vader weer binnenhollen of moet er even wat aan seks gedaan worden in het handdoekenhok en dan is dat toch eigenlijk wel zo belangrijk. Hoewel je bijna niet begrijpt hoe de dokters nog kans zien iets voor patiënten te betekenen met al die eigen emoties, zijn ze toch enorm betrokken: ze weten van alles van de mensen, roepen er gemakkelijk andere specialisten bij, denken over de hele patiënt na en niet alleen over de ziekte of afwijking die binnen hun specialisme valt.

Dat laatste komt in het echt waarschijnlijk vaker voor dan die enorme overheersing van privébeslommeringen, maar in reportages of een programma als Missers! krijg je toch vaak de indruk dat het bij het in ogenschouw nemen van de hele patiënt en verantwoordelijkheid voor hem of haar voelen, nog wel eens mis gaat. Gisteren werd er ook weer over een man gesproken die „eigenlijk tussen twee specialismen in” had gelegen. Berg je dan maar. De man had na een hartoperatie een inwendige bloeding gekregen die niet herkend was, of niet gerapporteerd, en toen die eindelijk gezien was, werd er te weinig gedaan. Hij overleed. Zijn dochters dienden een klacht in bij de klachtencommissie van het ziekenhuis, die gegrond werd verklaard. Ze vertelden dat de voorzitter van de klachtencommissie vroeg: „Wie was verantwoordelijk voor deze patiënt?” En dat alle behandelaars naar elkaar keken en allemaal schudden: „Ik niet.”

Gelukkig gaan er ook dingen wel goed, minstens zo wonderbaarlijke dingen als in Grey’s anatomy. In Intensive care werd een jonge vrouw gevolgd met een enorme hersentumor die geregeld epileptische aanvallen veroorzaakte. De neurochirurg wilde proberen zoveel mogelijk tumorweefsel weg te nemen, maar hij kon niet overal bij omdat hij dan een taalgebied zou kunnen beschadigen. Daarom werd de vrouw tijdens haar operatie weer bijgebracht om namen bij plaatjes te zeggen, terwijl de chirurg de verschillende gebieden raakte, zodat hij kon vaststellen waar hij wel en niet kon opereren. Het was ongelooflijk, zo precies en zo onbegrijpelijk ook: iemand met een gat in de schedel zodat haar hersenen bloot liggen, die woorden zegt.

Hoewel de chirurg het grote werk moest doen was de anesthesist hier minstens zo zeer de ster, zonder zijn heel precieze pijnbestrijding en slaap- of juist wakkertechniek zou het helemaal niet kunnen.

Patiënten kunnen het leven van een arts trouwens ook min of meer ruïneren met onterechte klachten, toonde men in Missers! waar chirurg Debets aan het woord kwam die jarenlang aan de schandpaal genageld werd voor fouten die hij niet gemaakt had. Nu had hij zelf kanker, net als de anesthesist Bart van Boheemen die zondagavond in Het derde testament aan het woord kwam. „In de zorg hebben we het tegenwoordig over producten, maar een patiënt is geen product”, zei Van Boheemen. Hij zei het in feite tegen het management en de politiek. Artsen maken wel eens fouten, zeker, maar je hoort ze zelden over ‘producten’ of ‘cliënten’ spreken.

    • Marjoleine de Vos