Virtuoze vuilbekkerij van terroristische ‘toplullen’

Theater Malpensa, van Ilja Leonard Pfeijffer, door Annette Speelt. Gezien: 8 maart Theater a/h Spui, Den Haag. Tournee t/m 13 mei. Info: 070-3465272 en www.annettespeelt.nl.

„Iedereen rustig blijven!” roept een man naar de mensen in de zaal. Voor even zijn zij in vliegtuigpassagiers veranderd en de man is bezig met een kaping. Maar dan gaat het zaallicht weer aan. De voorstelling begint opnieuw.

Schrijver Ilja Leonard Pfeijffer bedacht voor zijn tweede toneelstuk Malpensa een valse start – die valse verwachtingen wekt. Wie meent een spannende kaping te zien te krijgen, die komt bedrogen uit. De „anderhalf uur uit het leven van een zelfmoordterrorist” die de ondertitel beloofde, blijkt anderhalf uur conversatiedrama.

Twee naast elkaar gezeten mannen praten. Meer langs elkaar heen dan met elkaar, maar toch: in plaats van met daden vullen zij de tijd met woorden. Ze zijn wel van plan hun vertraagde vliegtuig op te blazen, maar daar merk je steeds minder van. Het lijkt Pfeijffer vooral om de relatie tussen beide mannen te gaan, en om mannen in het algemeen.

Mannen maken in Malpensa geen al te beste beurt. Thijs Römer en Michel Sluysmans, leiders van het gezelschap Annette Speelt, spelen de „toplullen” Thijs en Michel: twee durfkapitalisten die in de geldhandel hun Ferrari’s en Porsches verdienen. Behalve met auto’s amuseren zij zich met „smegmasnollen”. Echte mannen koesteren een diepe verachting voor vrouwen, zwarten en homo’s, als je op de stoere praatjes mag afgaan. Dat de vlijtig met mee-orerende Michel tenslotte als homo uit de kast komt is een mooie clou.

Pfeijffer goochelt op barokke wijze met taal. De virtuoze vuilbekkerij doet aan de snelle toneeltaal van de jonge Britse dramaschrijver Mark Ravenhill denken. Maar Pfeijffers satire op het moderne kapitalisme gaat minder diep. Zo ontmaskert hij de geldhandel niet als geldzwendel of iets dergelijks. Bij hem is de ontmaskering iets persoonlijks: om veiligheidsredenen doen de twee terroristen alsof ze elkaar niet kennen. Hun geveinsde vreemdheid voor elkaar blijkt echter dan zij ooit vermoedden, want beide vrienden, zo merken ze op het laatst, bewonderden jarenlang slechts het spel dat zij voor elkaar speelden.

Zulke subtiliteiten komen bij het lezen van het stuk beter tot hun recht dan bij het kijken naar de voorstelling. Annette Speelt dat met zijn toneeldebuut De eeuw van mijn dochter toch al ervaring met Pfeijffer heeft opgedaan, maakt de fout de regieaanwijzingen van de auteur letterlijk op te laten zeggen. Die lange lappen tekst in de derde persoon halen de vaart eruit en leiden af van de dubbele bodems in het spel.

    • Anneriek de Jong