Slapeloze dokters in de zzzzzzzzorg

Dat advocaten en bankiers veel moeten overwerken, is vooral vervelend voor henzelf.

Maar als artsen overwerken, staan er levens op het spel.

Illustratie Thomas Schats Schats, Thomas

Als jurist met jaren ervaring in de advocatuur en het bedrijfsleven, kon ik mij goed herkennen in het artikel ‘Pas thuis als het donker is’ (nrc.next, 27 februari). In de bankwereld, advocatuur en consultancy worden inderdaad veel overuren gedraaid. Een belangrijke branche waar overwerken zorgwekkend vaak voorkomt, wordt echter vergeten: de gezondheidszorg.

Mijn partner is medisch specialist. Daardoor weet ik dat overuren maken in ziekenhuizen zeer gebruikelijk is. Vaak draaien artsen nachtdiensten tussen normale werkdagen in. Dit wordt zelfs officieel ingeroosterd; het is dus niet uitzonderlijk en het management accepteert deze praktijk blijkbaar. Zo begint een arts zijn dienst bijvoorbeeld ’s ochtends om acht uur, om vervolgens ’s avonds en ’s nachts door te werken. Hij mag weliswaar zo nu en dan gaan liggen, maar blijft oproepbaar gedurende de nacht (‘achterwacht’ noemt men dit).

Na een drukke nacht wordt van de arts verwacht dat hij de dag erop weer een normale dienst draait. Medisch specialisten in opleiding draaien zelfs nog frequenter 24-uursdiensten. Ziekenhuizen wuiven de klachten weg en wijzen op de ‘compensatiedagen’ die men er voor terugkrijgt. Dat houdt in dat een arts, na meerdere nachten te hebben doorgewerkt, een dag vrij is. Maar doet dat iets af aan het grote gevaar van medische fouten ten gevolge van oververmoeidheid?

Uit onderzoek blijkt dat vermoeidheid leidt tot een significant verhoogde kans op het maken van medische fouten. Zo schrijft het New England Journal of Medicine op 28 juni 2007 dat een arts niet langer dan 16 tot 18 uur per dag zou moeten werken. Een volledig etmaal is in ieder geval veel te lang. Uit Nieuw-Zeelands onderzoek onder 1366 specialisten, gepubliceerd in de Occupational and Environmental Medicine van november 2007, blijkt dat 30 procent van de ondervraagde artsen „excessively sleepy” is, terwijl liefst 66 procent verklaart diverse keren in slaap te zijn gevallen achter het stuur op weg naar huis. Ruim 42 procent zegt zich een vermoeidheidsgerelateerde klinische fout te herinneren in de afgelopen zes maanden.

Er wordt van een arts verwacht dat deze niet naar huis gaat als een afdeling vol en beperkt bemand is. Een advocaat of bankier kan een dossier sluiten om de dag erop weer te beginnen. Maar een arts verlaat een onderbemand ziekenhuis niet zonder gewetenswroeging. Er heerst een prijzenswaardig verantwoordelijkheidsgevoel bij artsen, waar het management van ziekenhuizen soms misbruik van lijkt te maken.

Het verbaast mij dat er geen enkele maatschappelijke of politieke discussie worden gevoerd over de overurenproblematiek in de gezondheidszorg. Ik vind het schokkend dat een arts, die heldere diagnoses moet stellen, soms niet eens in staat is om wakker te blijven. Het is de hoogste tijd dat het huidige dienstbeleid in ziekenhuizen structureel herzien wordt.

Tonnis Poppema is bedrijfsjurist. Zijn vriendin is kinderarts.

De Praktijk is een rubriek over actuele kwesties met een persoonlijke invalshoek. Stuur uw bijdrage naar opinext@nrc.nl

    • Tonnis Poppema