Memorabel portret van zwijgzame pianojongen

Bernlef: De pianoman. Stichting CPNB, 92 blz. Tot en met 23 mei gratis bij besteding van € 11,50 aan boeken.

Bernlef: De pianoman. Stichting CPNB, 92 blz. Tot en met 23 mei gratis bij besteding van € 11,50 aan boeken.***

Eigenlijk leek hij vooral te zijn aangespoeld om Bernlef tot inspiratie te dienen: de ‘pianoman’ die drie jaar geleden drijfnat opdook op een Engels strand, weigerde te spreken, maar wél piano bleek te kunnen spelen. Gefundenes Fressen voor een schrijver die al bijna een halve eeuw schrijft over de verhouding tussen taal en herinnering en die ook nog jazzverslaafde is. Een verrassing is het dus niet dat Bernlef de grootste ereklus uit de Nederlandse letteren, het schrijven van het Boekenweekgeschenk, aangreep om zich de ‘pianoman’ literair toe te eigenen.

Nu ja, pianoman? Bernlef heeft er een pianojongen van gemaakt. Het Boekenweekgeschenk begint bij de geboorte van Thomas Boender in een zwijgzaam gezin. En de P.C. Hooftprijswinnaar van 1994 maakt zijn reputatie meteen waar. Neem de derde zin van het boekje: ‘Monosyllaben die tussen hun strakke lippen op de glimmend gepolitoerde eetkamertafel ploften daar even bleven liggen om vervolgens in de opnieuw ingetreden stilte op te gaan.’

Ook tijdens zijn jeugd heeft Thomas Boender het moeilijk met woorden en de mensen die ze gebruiken. Prachtig beschrijft Bernlef hoe de taalachterstand van het kind een achterstand in alles wordt. Zijn vader boezemt hem angst in. ‘Zijn zwijgen zit vol messen’. Thomas’ schooljuf leert hem pianospelen. En zo baant hij zich een weg door de wereld, bang voor alles wat met taal te maken heeft, maar onverschrokken waar het de stad en de mensen betreft. En blij verrast wanneer een student hem bij een urinoir woordeloos masturbeert.

Zo schetst Bernlef in het eerste deel van het boek een memorabel portret van zijn pianojongen, precies geschreven, goed uitgedacht en voortgedreven door een nooit aflatende nieuwsgierigheid. Het eerste deel is dan ook een van de beste halve Boekenweekgeschenken van de laatste jaren. Halve, inderdaad. Het merkwaardige is dat het boekje inzakt wanneer Bernlef bij het eigenlijke pianoman-verhaal aanlandt. Thomas wordt op het strand van het Engelse Sheerness aangetroffen en doet er – net als de vreemdeling in werkelijkheid en geheel in character – het zwijgen toe. Maar de reden dat hij zwijgt is even eenvoudig als weinig tot de verbeelding sprekend: hij is bang voor de toorn van zijn vader thuis. Bernlef blijft erg dicht bij de verwikkelingen rondom de echte pianoman waarna hij de verhaallijntjes nogal zouteloos aan elkaar knoopt. Je kunt lang speculeren over de redenen voor dat teleurstellende slotdeel. Misschien kwam de auteur er te laat achter dat hij eigenlijk niet veel toe te voegen had aan het in de pers ruim belichte pianoman-verhaal of misschien moet de realiteit het gewoon altijd afleggen tegen de kracht van de fictie. Dat laatste is aan de vooravond van de Boekenweek wel weer een geruststellende gedachte.

Arjen Fortuin

    • Arjen Fortuin