Hockeybond ontfermt zich over transfers en geschillen

Transfers van hockeyers in de beide hoofdklassen komen onder controle van hockeybond KNHB. Geschillen tussen clubs over transfers en spelerscontracten moeten in de toekomst worden beslecht door de arbitragecommissie van voetbalbond KNVB. De bonden zijn daarover in gesprek.

De hoofdklasseclubs en de hockeybond gingen gisteravond akkoord over een aantal nieuwe regels, die in het seizoen 2009/2010 ingaan. Komend seizoen wordt een overgangs- en proefjaar.

De clubs moeten spelerscontracten bij de bond gaan deponeren, al hoeven zij niet te melden wat zij de spelers gaan betalen. De hoofdklassen krijgen ook met een transfertermijn te maken. Van 1 juni tot 1 september mogen spelers van hoofdklasseclub veranderen.

De strengere regulering vloeit voort uit de toenemende financiële belangen in het tophockey, waar steeds meer spelers voor een salaris spelen en dus ook om geld overstappen naar een andere club. Die trend leverde de laatste jaren een groeiend aantal incidenten op waarbij hoofdklasseclubs en spelers onenigheid kregen over transfers en contracten. De ‘zaak’-Erik Bouwens, die vorig jaar overstapte van Den Bosch naar SCHC, eindigde zelfs voor de kantonrechter en er waren meer van dat soort geschillen.

Om die kant van het Nederlandse tophockey te professionaliseren stelde de hockeybond vorig jaar een commissie in onder leiding van Marijke Fleuren, adjunct-directeur van de KNHB. Dat gebeurde op een bijeenkomst waar Henk Kesler, directeur betaald voetbal van de KNVB, toelichtte hoe vergelijkbare zaken in het betaald voetbal zijn geregeld.

Tot op heden bemoeit de KNHB zich nog niet met transfers, maar dat gaat dus veranderen. „Wij willen weten wat de afspraken zijn tussen de spelers en de clubs”, zegt Fleuren. „Het doel van dit nieuwe beleid is dat we een eerlijke competitie houden en dat de naam van de competitie goed blijft. De KNHB heeft er belang bij dat er geen gedonder is tussen clubs, waarbij de competitie wordt gebruikt als breekijzer. Dit levert een flinke belasting op voor de bond, maar het is het waard. Goede verhoudingen in het hockey zijn cruciaal voor iedereen. De clubs hebben hier zelf om gevraagd.”

Per club worden de eerste achttien spelers van de selectie officieel ‘geregistreerd’. Dat houdt in dat de bond de contracten van die spelers krijgt. Dat zijn overigens niet altijd arbeidscontracten. Bij sommige clubs, zoals Voordaan, zijn de meeste spelers nog gewoon betalend ‘lid’. Maar als zo’n geregistreerde speler van hoofdklasseclub wil veranderen, loopt de overschrijving via de hockeybond.

Voor die achttien geregistreerde spelers geldt ook dat bij conflicten arbitrage wordt ingesteld. Dat zal vermoedelijk bij de arbitragecommissie van de KNVB gebeuren. „Wij zijn daarover in gesprek met de KNVB”, zegt Fleuren. „Bij die arbitragecommissie zijn veel van de juristen al hockeyers. Het zou jammer zijn wij een bestaand instituut met een reglement niet zouden kunnen gebruiken.”

De clubs konden het nog niet eens worden over een verplichting elkaar te informeren over transfergesprekken met spelers. Fleuren: „Dat is een lastig punt. We gaan nog onderzoeken hoe we die informatieplicht gaan invullen.”

Komend seizoen worden de nieuwe regels voor het eerst toegepast, maar de officiële invoering volgt pas een jaar later. „Wij willen zien hoe het werkt en of aanpassingen nodig zijn”, aldus Fleuren, die tevreden is over de manier waarop de regulering tot stand is gekomen. „Ik had nog wel meer willen regelen, zoals die informatieplicht voor clubs. Dat is een kwestie van fatsoen, maar dat ligt in de grotemensenwereld toch iets anders. Clubs zijn bang voor hun onderhandelingspositie als de andere club op de hoogte is van de belangstelling voor een speler.”

Fleuren gaat nu onderzoeken wat er moet gebeuren met de jeugdhockeyers. „Wij gaan onder meer kijken naar jeugdcontracten en naar opleidingsvergoedingen voor jeugdspelers die van club veranderen.”

    • Rob Schoof