Waar komt snot vandaan en waarom eten we het?

Ulrike en Leneke Speelman uit Almere willen na een fikse griep weten waar al dat neusslijm vandaan komt. Lizbeth Vrolijk uit Arnhem vraagt waarom mensen neuspeuteren en soms de opbrengst opeten. „Is dat niet onhygiënisch?”

Mensen kunnen wel een liter snot per dag produceren, volgens viroloog Ab Osterhaus. „Dat is allemaal het product van de slijmvliezen in de luchtwegen. Deze fungeren als beschermlaag en zorgen voor afvoer van afvalstoffen. Als ze geïnfecteerd raken gaan ze nog meer afscheiden, onder andere om dode cellen af te voeren.”

Het meeste slijm dat mensen produceren, wordt weer ingeslikt. „De rest verdampt, of wordt uitgehoest”, aldus Osterhaus. „Alleen bij infecties is de slijmproductie zo groot dat het zich vertaalt als extra veel snot in de neus.”

Neuspeuteren (wetenschappelijke naam: rhinotillexe, of rhinotillexomanie als het om dwangmatig neuspeuteren gaat) wordt in Nederland op grote schaal beoefend. Uit onderzoek van het tijdschrift gezondNU onder 500 mensen bleek dat 90 procent regelmatig neuspeutert. Van die groep erkende 10 procent het snot vervolgens op te eten (wetenschappelijke naam: mucofagie). Eenderde van de mannen draait er liever een balletje van om weg te schieten, net als een kleine tien procent van de geënquêteerde vrouwen.

Waarom mensen hun neusslijm opeten, is volgens medisch bioloog Annelies van Goor nooit wetenschappelijk onderzocht. Over het nut bestaan wel theorieën. De Oostenrijkse longspecialist Friedrich Bischinger meent dat alle bacteriën in gegeten snot het immuunsysteem versterken. Hij meent zelfs dat mensen die hun snot opeten gelukkiger en gezonder zijn en meer in harmonie met hun lichaam leven.

Volgens Van Goor is het eten van snot wel degelijk onhygiënisch. „In het neusslijm zit veel fijnstof en andere vuiligheid.” Haar alternatieve verklaring voor de beoefenaars van mucofagie: „Ze vinden het gewoon lekker zout.”

Wilmer Heck

    • Wilmer Heck