Vredeskantoor lekt en tocht

Het hoofdkantoor van de Verenigde Naties in New York is een bouwval.

Na jaren van bureaucratisch gedoe begint dit voorjaar de verbouwing.

Als het regent, lekt het in de zaal van de Algemene Vergadering. Als het waait, tocht het in de diplomatenvertrekken – de glazen panelen hangen gevaarlijk los in hun sponningen. Een deel van het plafond waarboven wereldleiders vergaderen is al eens weggeblazen. En de fabrikant van de verwarming heeft verzocht om onderdelen – voor in het bedrijfsmuseum. Nergens anders ter wereld is het systeem nog in gebruik.

Het hoofdkantoor van de Verenigde Naties in New York – het diplomatieke zenuwcentrum waar werd getwist over de invasie van Irak, waar vorige week nog de sancties tegen Iran werden aangescherpt – is een bouwval. Nu, 59 jaar na het leggen van de eerste steen, eindeloze debatten tussen lidstaten en pesterijen van gaststad New York later, wordt voor het eerst groot onderhoud gepleegd.

„Het pand is extreem aangetast.” Dat zijn woorden van Michael Adlerstein, eindverantwoordelijke voor de verbouwing. Alleen al zijn rang geeft het belang aan dat de VN aan de ingreep hecht. Adlerstein is assistent secretaris-generaal, zit één salarisschaal onder Ban Ki-moon. De diplomaat en bouwmeester ontvangt een dozijn internationale journalisten in een bedompt zaaltje in een kelder van het gebouw. Hij verexcuseert zich voor de ruimte zonder nooduitgang, rookalarm of blusinstallatie. Kom in 2013 zeker terug, zegt hij. Dan moet de verbouwing klaar zijn.

Dat het zo lang zou duren, was niet de bedoeling toen in de nadagen van de Tweede Wereldoorlog uit de hele wereld elf vooraanstaande architecten samenkwamen om in het hart van Manhattan een „workshop for peace”, een werkplaats voor de vrede, te bouwen. Het pand moest zeventig lidstaten huisvesten, die samen maximaal 700 vergaderingen per jaar zouden houden. Die getallen bleken al snel achterhaald. De landenorganisatie kent nu 192 lidstaten, die jaarlijks 8.000 vergaderingen beleggen.

Met die groei nam ook het aantal door de lidstaten geschonken kunstwerken toe – die in steeds meer deplorabele staat verkeren. Muurschilderingen van Joan Miró worden blootgesteld aan het binnensijpelende regenwater, op een herentoilet staat een Barcelona-stoel van Mies van der Rohe met een scheur in het leren zitvlak. Voor onderhoud is geen geld.

Aan naleving van voorschriften werd nooit prioriteit gesteld. Het skyline-bepalende kantoor van 39 verdiepingen aan de New Yorkse East River staat officieel op internationaal grondgebied, maar valt onder de veiligheidsvoorschriften van de stad. Desondanks moest de lokale brandweer vorig jaar acht maanden wachten op toestemming controles uit te voeren. Het was het eerste bezoek. De brandweer constateerde 866 overtredingen. Burgemeester Bloomberg dreigde het complex af te sluiten voor bezoekende schoolkinderen.

Gaststad New York heeft altijd een haat-liefdeverhouding met de VN gehad. New Yorkers beschouwen de landenorganisatie meer als lastpost dan als aanwinst, met name als de jaarlijkse algemene vergadering in september luidruchtige helikopters en verkeersontwrichtingen met zich meebrengt. Tegelijkertijd wil de stad de VN niet kwijt. Met 800.000 bezoekers per jaar is het hoofdkantoor een van de grootste toeristentrekkers.

Het eerste verbouwingsplan dat in 2000 werd opgesteld had twee jaar geleden al gerealiseerd moeten zijn en kostte aanvankelijk 964 miljoen dollar (649 miljoen euro). Inmiddels bedraagt de begroting 1,876 miljard dollar. Vooral het verkrijgen van toestemming van de lidstaten zat al die jaren tegen, waarbij de traditioneel sceptische VS een hoofdrol speelden. Een voorbeeld. Als deel van de ingreep wilde de landenorganisatie een tijdelijke toren van dertig verdiepingen op een nabijgelegen basketbalveld bouwen. Maar, ingegeven door het door de Irakoorlog veroorzaakte VN-ressentiment en woede over VN-kritiek op bondgenoot Israël, weigerde de staat New York dat.

Ruim honderd andere locaties in de stad moesten daarop worden overwogen, waaronder de verlaten marinebasis op Governors Island, schuiten in de haven of een nieuwe toren op Ground Zero. Uiteindelijk is besloten tot een tijdelijke tentachtige constructie voor 2.200 VN-werknemers op een van de grasvelden op het complex. De opbouw ervan moet dit voorjaar beginnen.

De overige 2.600 werknemers worden verdeeld over een kantoor aan de overkant van de East River, in stadsdeel Queens, en kantoren elders op Manhattan. Liever had Adlerstein één locatie gevonden voor iedereen, maar er was onvoldoende grote kantoorruimte beschikbaar. Adlerstein zinspeelt erop dat ambtelijke chaos niet te voorkomen is.

Al die jaren is het een komen en gaan geweest van bouwmeesters. Adlerstein zegt de vierde architect op rij te zijn die met de renovatie is belast. Zijn voorganger Louis Reuter hield het geen jaar vol. Hij wees als verklaring voor zijn voortijdige vertrek met een beschuldigende vinger naar „vele grote belanghebbenden die het project niet duidelijk steunen”.

Gevraagd naar zijn ervaringen, kiest Adlerstein zijn woorden zorgvuldig. Eerder werkte hij aan het onderhoud van de Taj Mahal in India en aan de renovatie van het Vrijheidsbeeldeiland in de New Yorkse haven, begint hij zijn antwoord. Hij bedoelt: ik ben wel wat gewend. „Overal zijn gelukkig redelijke mensen te vinden. Maar de VN is een moeilijke organisatie voor het bereiken van consensus. Tot nu toe duurt het inderdaad wat langer dan verwacht.”

Bekijk de verbouwingsvideo’s op www.un.org/cmp

    • Freek Staps