EU wil alles doen om Servië niet kwijt te raken

De EU is bang Servië – dat heel boos is over de erkenning van Kosovo door de meeste EU-landen – kwijt te raken. Ze wil de pro-westerse president Boris Tadic helpen.

Boris Tadic, de pro-westerse president van Servië, zei dit weekeinde eindelijk wat Europese lidstaten van hem wilden horen. Hij zei dat hij onmiddellijk een akkoord met de Europese Unie zou tekenen dat Servië de status van aanstaand EU-lid geeft. In een tijd waarin veel Serviërs, inclusief premier Vojislav Koštunica, niets moeten hebben van Europa – omdat de meeste EU-lidstaten Kosovo erkennen – is dat dapper, zeggen diplomaten in Brussel.

Op hun maandelijkse vergadering in Brussel bespreken de Europese ministers vandaag wat Tadic en de pro-Europeanen in Servië daarvoor als beloning zouden kunnen krijgen. Want zij hebben Europese steun hard nodig, vinden de meeste EU-lidstaten – zeker nu er in Servië in mei parlementsverkiezingen worden gehouden.

„Wij zijn nog steeds zeer bereid om Servië een stabilisatie- en associatieakkoord aan te bieden”, zegt een diplomaat uit een grote lidstaat. Vanaf dat moment zou Servië aankomend EU-lid zijn. De Franse staatssecretaris voor Europese Zaken, Jean-Pierre Jouyet, zei ruim een week geleden dat zo’n akkoord er voor de „Servische vrienden” zeker komt tijdens het EU-voorzitterschap van Frankrijk, in de tweede helft van dit jaar.

In januari kwam het akkoord er niet, omdat Nederland en België eisten dat Servië eerst oud-generaal Ratko Mladic, verdacht van oorlogsmisdaden in Bosnië, zou uitleveren. ‘Volledige samenwerking met het Joegoslavië tribunaal’ is een officiële voorwaarde van de EU voor zo’n akkoord. Maar de meeste EU-lidstaten vonden het in januari belangrijker om de pro-Europese Boris Tadic te helpen tijdens zijn campagne voor de presidentsverkiezingen van begin februari – die hij won.

Over Mladic gaat het nu niet in Brussel. Volgens Brusselse diplomaten is alleen Duitsland minder toeschietelijk geworden voor Servië, uit irritatie over de aanval op westerse ambassades in Belgrado na de uitroeping van de onafhankelijkheid van Kosovo.

De meeste andere EU-lidstaten vinden, net als eurocommissaris voor uitbreiding Olli Rehn, dat Europa er alles aan moet doen om Servië niet kwijt te raken. Als de nationalisten aan de macht komen in Brussel, zeggen ze, komt Mladic zeker nooit naar Den Haag. In januari ging het alleen nog maar over de verkiezing van een president. In mei gaat het over het parlement en de volgende regering. De druk op Nederland om de eis over Mladic af te zwakken, zal de komende maanden fors gaan toenemen.

Want ook vóór de uitspraken van Tadic over een akkoord met de EU was Europa de afgelopen weken al erg aardig tegen het boze Servië. De aanval op de ambassades in Belgrado was natuurlijk kwalijk, zei een Griekse diplomaat in Belgrado tegen het Servische radio- en televisiestation B92. Maar de reactie daarop moest niet worden overdreven. Eurocommissaris Rehn vond dat de EU „geduld” moest hebben. NAVO-chef Jaap de Hoop Scheffer zei vorige week dat Servië bij de „Euro-Atlantische familie” hoort. Servië is „een belangrijke speler”.

Bij de NAVO zijn er ernstige zorgen over Kosovo, en ook de Europese ministers zullen het vandaag in Brussel lang over Kosovo hebben. Het door Serviërs bewoonde noorden van Kosovo, de stad Mitrovica en omstreken, is zich bestuurlijk al aan het afscheiden van de rest van het land, met uitdrukkelijke steun van Belgrado.

De VN zijn formeel nog verantwoordelijk voor het bestuur van Kosovo, maar een missie van de Europese Unie is die taak aan het overnemen. Bij de NAVO wordt ervan uitgegaan dat het VN-bestuur te weinig gezag heeft in Kosovo om een de facto afscheiding van Mitrovica te voorkomen, en de EU moet nog beginnen. Er zijn wel 16.000 NAVO-militairen in Kosovo, maar het is niet hun mandaat om afscheiding tegen te houden als die niet gewelddadig verloopt.

    • Petra de Koning