Sara & niet-Sara

Oudleerling Sara staat voor de spiegel. Vandaag lukt het me, denkt ze. Vandaag loopt mijn les niet in de soep.

In de trein bereidt zij zich nog eens voor.

Het is warm in het lokaaltje. De stagebegeleidster zit met een kladblok op schoot. Sara introduceert een verhaal. Het is de bedoeling dat de kleuters het verhaal uitspelen.

In het midden van de klas staat een kist vol ‘geheimen’. Die geheimen zijn materialen die een rol spelen in het verhaal.

“Ik weet niet wat erin zit!”

“Ikke wel!”

“Ik ook!”

De vraag is nog niet gesteld, maar de vingers zijn al omhoog gegaan: “Ik weet het, juffrouw.” De betrokkenheid is groot, de les wordt een succes.

En hoe vond je dat het ging? vraagt de stagebegeleidster in de pauze.

Sara bloost. “Kleuters zijn vaak snel afgeleid”, zegt ze. “Maar ze deden allemaal mee. En ze luisterden goed. Behalve Joey dan. Hij is nieuw in de klas. Hij zit nog in zijn ontdekkingsfase. Twee keer vroeg ik hem: ‘Joey, wat ga je nu doen?’ Hij antwoordde: ‘Ik ga opruimen, juffrouw.’ Telkens deed hij het niet. U hebt het zelf gezien. Wat moest ik nu doen om nog duidelijker te zijn? Naar hem toe gaan of hem aanspreken terwijl alle kinderen al klaar zaten in de kring? Ik koos voor het laatste en daarmee koos ik ook meteen voor een ‘niet-Sara’ manier. Met een ‘niet-Sara’ manier bedoel ik: ik sprak hem negatief aan. Ik zei: ‘Joey! Nu heb ik verdorie al honderd keer gezegd dat je moest gaan opruimen. Je hebt het nog steeds niet gedaan en daar baal ik van.’ Ik had natuurlijk ook kunnen zeggen: ‘Kijk eens, Joey! Alle andere kinderen hebben al heel goed opgeruimd en we beginnen aan een leuk spelletje. Dat wil je toch niet missen?’”

De stagebegeleidster kijkt naar Sara’s schoenen.

“Mijn les is dus: ik blijf bij mezelf en spreek hem voortaan positief aan. Ja, en toen ik eindelijk ook in de kring zat, nam ik Najat op schoot. Ik begon met afsluiten en ineens werd mijn broek heel warm. Ze sloeg haar armpjes om mijn nek, ze schaamde zich erg, dus ik hield haar nog even vast. Maar kijk, schattig hé? Het droogt al.”

De stagebegeleidster verstart een tel. Dan staat ze op.

“Ik vond je als ‘niet-Sara’ prima, hoor”, zegt ze. “Trek je grens. Doe ik ook. Kom, er is koffie. Leuke schoenen heb je trouwens.”

marijn@marijnbacker.nl

    • Marijn Backer