De week die was

Waarom maakte de fotograaf deze foto? Uit bewondering. Uit spotlust. Uit nieuwsgierigheid. Respectievelijk: mooi, krankjorum en hoe zit dit nu precies in elkaar? Wat het oog van de fotograaf ook gedreven heeft, het drijft ook het onze. Het is trouwens complexer: dit is én fraai én idioot én mysterieus. De laatste notie is verreweg de aardigste. Pak desnoods een vergrootglas, we gaan op zoek naar het antwoord. De hamvraag zijnde of dit nep is of echt. We moeten het erover eens zijn dat er een kleurverschil is met het, zo te zien, geblondeerde haar in het midden. De gemakzuchtige conclusie luidt dan dat ‘het wel nep zal zijn’. ‘Dat kan niet anders’. Maar is het kleurverschil niet juist het bewijs van het tegendeel? Dat klinkt tegenstrijdig. Het vraagstuk vergt enige empathie. Als uw eigen vlecht vals was, dan zou u er toch één in precies dezelfde kleur als die van uw echte haar nemen? Juist om de indruk te wekken dat het om puur natuur gaat? Nou dan. Daarbij neemt de vlecht van begin tot eind in dikte af, wat heel natuurlijk is. We besluiten dus tot ‘echt’ – maar wat te denken van die welhaast onuitstaanbare onberispelijkheid, die sinds het eerste openbare optreden van de draagster zonder overdrijving constant mag heten? Die pleit weer voor ‘vals’! En die afnemende dikte toch eigenlijk ook: te gelijkmatig, te geraffineerd. Of niet? Ze heeft ons tuk. Driving us crazy. En we hebben ons nog niet eens afgevraagd hoe ze ertoe gekomen is. Om van zichzelf zo, en niet anders, een merk te maken. Zichzelf te kronen, want dat is het, met een vlecht. Wereldwijd herkenbaar én herkend. Haar silhouet volstaat. Alleen een zeer hooggeplaatste Nederlandse doet haar dat na. Nu ja – hier ligt wellicht de sleutel – deed het haar voor.