Welsh mag in Brussel

Vertalers hebben hun handen al vol aan de talen die de EU nu kent. Toch komt er binnenkort waarschijnlijk nog eentje bij: het Welsh. De Britse regering heeft ingestemd met een verzoek van Wales om de eigen taal de status van ‘co-officiële taal’ in de EU toe te kennen.

Het Welsh komt daarmee op gelijke hoogte met het Catalaans, het Galicisch en het Baskisch, drie regionale talen uit Spanje. Die behoren niet tot de 23 officiële talen van de EU, maar burgers mogen in die talen wel een brief schrijven naar de Europese instellingen – en in die taal een antwoord verwachten. De Spaanse regering betaalt voor de vertalingen. Ook mogen de regionale talen worden gebruikt bij ontmoetingen van ministers – wat zelden gebeurt.

Het Welsh wordt volgens een telling van de Britse overheid gesproken door 21 procent van de 2,9 miljoen inwoners van Wales: ongeveer 580.000 personen. Dat is meer dan het aantal gebruikers van het Ierse Gaelic, dat dit jaar wél een officiële taal werd.

Groot-Brittannië zal een formeel verzoek indienen om het Welsh toe te staan bij bijeenkomsten van ministers in EU-verband, meldt Reuters. Het Britse persbureau sprak met Leonard Orban, de Roemeense eurocommissaris die verantwoordelijk is voor Meertaligheid. Volgens hem heeft de Europese Commissie niet veel brieven heeft gekregen in de Spaanse streektalen. Hij vindt de status van symbolisch belang. „Het is een politieke zaak en we geven hiermee een belangrijk signaal aan regio’s.”