Sfeer van weldadige luxe op Tefaf

De Tefaf is de belangrijkste kunst- en antiekbeurs ter wereld. Monet en Gauguin hangen er naast elkaar, prijzen worden nauwelijks vermeld. „Die Delacroix? Kost een miljoen euro.”

Beeld van de Belgische Berlinde De Bruyckere gisteren op de voorbezichtigingsdag van Tefaf. Foto NRC Handelsblad, Vincent Mentzel TEFAF ,Kunst-en antiekbeurs 2008. Werk van Berlinde de Bruyckere.foto VINCENT MENTZEL/NRCH ==F/C== Maastricht, 6 maart 2008 Mentzel, Vincent

De robuuste houten vloer kraakt zodra je de stand van de Parijse topantiquair J. Kugel binnenstapt. Eikenhouten wanden, met goudverf gedecoreerd, geven de ruimte een vorstelijke uitstraling. Op de dressoirs staan zilveren kandelaars, een marmeren schouw dient als voetstuk voor een prachtige zeventiende-eeuwse barometer. Even waan je je in een Frans paleis uit de tijd van Lodewijk XIV – en vergeet je dat je rondloopt in een modern congrescentrum in Maastricht.

Op de Tefaf, de belangrijkste kunst- en antiekbeurs ter wereld, zijn ook dit jaar kosten noch moeite gespaard om de bezoekers onder te dompelen in een sfeer van weldadige luxe. De stands van de 227 deelnemende kunsthandels zijn gegroepeerd rondom brede lanen met deftige namen. Zo vind je de sieradenwinkels en antiquariaten op Fifth Avenue en kun je op New Bond Street wandtapijten en harnassen kopen. In veel galeries worden je voetstappen gedempt in hoogpolig tapijt. En op iedere straathoek groeien verse bloemen.

Tefaf-voorzitter Ben Janssens: „We hebben de deelnemers aangespoord om wat inrichting betreft nog iets beter hun best te doen.” Wat het kunstaanbod betreft is de Tefaf uniek, zegt Janssens, die zelf in Aziatische kunst handelt. „Veel handelaren bewaren hun beste stukken voor de Tefaf. Ik zelf ook. Er is geen andere beurs ter wereld waar je zowel een meesterwerk van Rembrandt als van Van Gogh zult aantreffen.”

Het aanbod is inderdaad duizelingwekkend. Vrijwel alle grote namen uit de kunstgeschiedenis kom je tegen, van Jan Steen tot Mondriaan en van Zurbarán tot Picasso. Bij Noortman Master Paintings hangen ze naast elkaar alsof het de gewoonste zaak van de wereld is: een Monet, een Gauguin, een Van Goyen, een Ruysdael en – achter een museaal rood koord – het kleine zelfportret van Rembrandt. De totale waarde van de inboedel van de Tefaf bedraagt dit jaar meer dan een miljard euro, de sieraden niet eens meegerekend.

Etsen van Rembrandt worden op meerdere plaatsen aangeboden: prijzen vanaf 24 duizend euro. Montgomery Gallery en Waterhouse & Dodd hebben allebei een landschap van Courbet in de aanbieding, de één een fris groen bosgezicht, de ander een besneeuwd veld. Discreet wordt er door de bezoekers om de prijzen gevraagd, want die worden maar zelden vermeld. „Die aquarel van Delacroix?” Snel tovert de standhouder een papiertje uit zijn binnenzak: „Die kost een miljoen euro.”

Prijskaartjes zijn niet sjiek, vindt Roseline Penherd van de Parijse kunsthandel Heim. „Je moet vrij zijn om de kunst te waarderen zonder dat de prijs je mening verstoort”. Heim is al zeventien jaar deelnemer aan de Tefaf. „Hier hangt het beste wat er in de wereld te koop is.” Zelf heeft ze onder meer een curieus schilderijtje van Géricault in de aanbieding voor 580 duizend euro. De schilder heeft het werk, van een zwarte hengst op een duintop, nooit afgemaakt. Bij de neus van het paard is een heel stuk lucht wit gelaten, waardoor het is of er een tekstballonnetje uit zijn mond komt.

Moderne kunst neemt een prominente plek in op de beurs, al moet je naar hedendaags werk goed zoeken. Er is één video-installatie op de Tefaf, van Bill Viola. Haunch of Venison uit Londen toont diens kabbelende waterbeelden in een verduisterd zaaltje. Voor jong talent is nauwelijks plaats. Het is vooral werk van ‘waardevaste’ oude rotten als Louise Bourgeois, Alex Katz en David Hockney dat wordt getoond. Van Lucian Freud hangt er een korsterige portret van een vrouw dat 15 miljoen dollar moet opbrengen.

Hip zal de Tefaf nooit worden, daarvoor is het publiek te deftig en het aantal facelifts te hoog. De toonaangevende galeries Gagosian en Pace Wildenstein, die in 2006 hun entree maakten, zijn alweer afgehaakt. Topgalerie Hauser & Wirth doet wel voor de tweede keer mee. „We hebben vorig jaar veel nieuwe klanten getrokken”, zegt Rhiannon Pickles van Hauser & Wirth. De Tefaf is volgens Pickles een geval apart. „De manier waarop bezoekers naar hedendaagse kunst kijken is heel anders. Ze zijn vooral bekend met oude kunst en kijken met verse ogen naar kunst van nu.” Over hun kooplust heeft ze niets te klagen. Zojuist verkocht ze een schilderij van Willem de Kooning voor 5 miljoen dollar en een beeld van de Belgische Berlinde De Bruyckere voor 180 duizend dollar. Pickles: „Iedereen komt naar de Tefaf. En iedereen koopt.”

Tefaf, T/m 16 maart in MECC. Maastricht Toegang: €55 www.tefaf.com