Brokken

Ik liep langs het atelier van Kate Gilmore en dacht dat er iets vreselijk mis was. De deur stond op een kier en ik meende te zien dat het plafond van haar werkruimte was ingestort. Toen ik binnenkwam, klaar om de videokunstenares onder het puin vandaan te trekken, zag ik Kate naast de berg stenen zitten aan een klein wit bureau. Ze had een mantelpakje aan en deed me denken aan een nieuwslezeres, zoals ze van haar papier opkeek om mij iets uit te leggen.

Nu zag ik dat de stenen waren neergelegd, als decor voor een nieuwe video. Kate zei dat de stenen waren gemaakt van gasbeton. Ze had de wand achter de berg roze geschilderd, met felrode druipende verf erdoorheen, als bloeddruppels uit een stripverhaal. Kate keek recht in de camera en zei: „Ik ga bovenop de berg staan met rode hoge hakken, terwijl mannen met enorme hamers de stenen onderaan de berg verpulveren, net zolang tot ik geen steen meer onder mijn voeten heb en weer op de grond sta.”

Niet veel later zag ik op de voorpagina van de Volkskrant online een vreemde foto. Het beeld verontrustte me. Ik zag dat het beeld meer lagen bevatte dan ik onmiddellijk kon blootleggen. Als dit een kunstwerk was zou het wel eens geniaal kunnen zijn. Ik zag een ingezakt plafond dat leek op wat ik in het atelier van Kate had gezien. Maar deze keer was het geen kunst. Onder aan de foto las ik: ‘Een raket, afgevuurd vanaf de Gazastrook, trof maandag een huis in het Israëlische Ashkelon, terwijl het Israëlische leger zich terugtrok na dagen van bloedige gevechten.’

Ik voelde me er ongemakkelijk bij dat ik zo’n grote ramp had kunnen aanzien voor kunst. Maar de foto zelf doet er alles aan om verwarring te zaaien. De foto toont een witte ruimte in een modern huis dat ook een galerie zou kunnen zijn. De achterwand van de witte ruimte ontbreekt en in dit strakke kader is een ramp zichtbaar. Flarden van wat eens een badkamer of keuken was, zoeken een plek in een puinlaag. Uit het plafond komen tralies tevoorschijn en een afvoerpijp duikt naar beneden om te verdwijnen in het puin. De chaos is goed uitgelicht en doordat alle brokken dezelfde kalkwitte kleur hebben, doet de situatie geënsceneerd aan.

Om het beeld nog complexer te maken, hangt rechts aan de wand van de ongeschonden voorruimte een ingelijste foto. Het enorme formaat ervan doet denken aan een museum-presentatie. Als het zigeunermeisje met de traan hangt in dit huis het Afghaanse meisje met de groene ogen, dat ooit door Steve McCurry werd gefotografeerd voor National Geographic. Het is vreemd om dit beeld in een nieuwsfoto als kunstwerk aan de wand te zien hangen. Oorsprong, medium en context vormen hier een afbrokkelende berg.

De anonieme fotograaf van het bombardement in Ashkelon geeft het Afghaanse meisje een nieuwe rol die uitstijgt boven die van de gemeenplaats die zij als icoon ook is. Ze kijkt in deze context niet alleen meer in de camera, maar naar een gespleten wereld: de wereld waar het nieuws vandaan komt en de wereld waar het nieuws wordt vormgegeven. Het is zeldzaam dat deze werelden elkaar zo raken. Toch blijven het ook in deze foto twee uitdrukkelijk van elkaar gescheiden ruimtes, waardoor het is alsof de coulissen van de werkelijkheid zichtbaar worden gemaakt. Ik verlies de grond onder mijn voeten terwijl ik ernaar kijk.

    • Maria Barnas