Als het in je huis kiert en tocht dan moet je het beter isoleren

Huizen in Nederland moeten sinds 1 januari een energielabel hebben.

Maar stimuleert deze maatregel mensen wel om hun huis zuiniger te maken?

Illustraties Marike Knaapen Knaapen, Marike

Sinds dit jaar moet iedereen die een woning wil verkopen of verhuren die woning van een energielabel voorzien. Het label, waarvan het systeem ook wordt gebruikt bij auto’s en elektrische apparatuur, deelt woningen in van G (minst zuinig) tot A (meest zuinig).

De labels voor woningen worden door een gecertificeerd adviseur afgegeven (een lijst is te vinden via www.vrom.nl). Ze kosten rond de 200 euro. Inmiddels zijn er ruim 136.000 labels verstrekt (per 4 maart). Ongeveer vier op de vijf labels zijn voor (huur)huizen van woningbouwcorporaties.

Het energielabel voor woningen is een gevolg van de Europese ‘energiebesparingsrichtlijn’. Het kabinet wil dat Nederland in 2020 – vergeleken met 1990 – twee procent minder energie gebruikt en daaraan moet het label een bijdrage leveren. Achterliggend idee is dat kopers eerder voor een energiezuinig huis zullen kiezen – en huiseigenaren zich dus gedwongen zien te investeren in bijvoorbeeld isolatie en een betere cv-ketel. Per jaar kunnen 200.000 tot 300.000 woningen energiezuiniger worden gemaakt. Daarmee is een energiebesparing van dertig procent mogelijk, stelden belangenorganisaties uit de bouw- en energiesector vorig jaar.

Niet iedereen heeft een energielabel nodig. Voor woningen die in 1998 of later zijn gebouwd, is bij de bouwvergunning de energieprestatiecoëfficiënt (EPC) berekend. Als de bouwvergunning niet langer dan tien jaar geleden is aangevraagd, volstaat de EPC-berekening en is een energielabel overbodig. Bij monumenten is een label niet verplicht.

Er is ook kritiek op het label. Zo vindt de Stichting Natuur en Milieu dat ze nu al achterhaald zijn. Alle nieuwbouwwoningen krijgen een A-label, zodat er geen stimulans is om verder na te denken over energiebesparing.

Volgens de Vereniging Eigen Huis (VEH) ontbreekt bij het label een goed advies over hoe je je energieverbruik moet verminderen. Bouwkundig specialist van Vereniging Eigen Huis John Kersemakers: „Bij een labelkeuring rollen er een getalletje en een kleurtje uit – en dat is het dan. Op de achterzijde van het label worden weliswaar isolatiemaatregelen geadviseerd, maar die zijn algemeen en vaag. Het is geen maatwerk.” Een voorbeeld: je krijgt het advies je vloer te isoleren terwijl je een ‘Brabantse vloer’ hebt: beton op zand gestort. Kersemakers: „Daar kan je niet onder komen en die kun je dus ook niet isoleren.” Ander bezwaar: commerciële installatiebureaus geven het label af. Dat zou volgens de Vereniging Eigen Huis kunnen leiden tot ‘gekleurde adviezen’. Immers: een installatiebureau heeft er belang bij een nieuwe combiketel te adviseren, ook al levert dat misschien weinig energiewinst op. Nog een bezwaar: een consument kan niet controleren welke gegevens bij het maken van zijn label zijn gebruikt en of die juist waren. Die gegevens zijn nergens op het label terug te vinden.

Bekijk hoe een energielabel eruitziet en lees er meer over via nrcnext.nl/mijnnext

Zes huizen,zes energielabels en heel veel energiebesparende maatregelen

    • Oscar Vermeer