Aanslag is ‘steek in hart van het zionisme’

Toen een Palestijnse man gisteren een talmoedschool in Jeruzalem binnendrong, was er nog een college aan de gang. Hij begon om zich heen te schieten en doodde acht studenten.

Studenten van de talmoedschool in het westen van Jeruzalem waar een Palestijnse man gisteren acht studenten doodde zoeken troost bij elkaar. Foto AFP Israeli Jewish students comfort each other in the Merkaz Harav Yeshiva in Jerusalem after a Palestinian shooting attack left eight Jewish students dead on March 6, 2008. Eight students at the Jewish religious school in predominantly Jewish west Jerusalem were shot dead and another nine wounded when a Palestinian from east Jerusalem entered the building and started shooting, police said. AFP PHOTO/MENAHEM KAHANA AFP

Dit, zegt Abraham Tress, „is een steek in het hart van het zionisme”. De jonge orthodoxe jood leunt tegen een auto en kijkt verslagen voor zich uit. Voor hem kamt een antiterreureenheid de talmoedschool Merkaz HaRav uit, waar een gewapende man eerder op de avond acht studenten doodde en tien verwondde.

„Deze yeshiva [godsdienstige school, red.] heeft voor het religieus zionisme de grootst mogelijke symbolische waarde. Ik heb het gevoel dat er vanavond een verkeerslicht op groen is gezet: iedere Palestijn ziet dat we zelfs op zo’n belangrijke plaats te raken zijn.”

De weg voor Merkaz HaRav, middenin de joods-orthodoxe wijk Kiryat Moshe in Jeruzalem, stroomt in de loop van de avond vol. Terwijl de Israëlische politie in de school op zoek is naar mogelijk meer aanslagplegers, verzamelen zich honderden mensen voor de ingang: studenten, leraren en buurtbewoners, een menigte van zwarte jassen en vilten hoeden.

Een gewapende man drong hier gisteren de bibliotheek van de school binnen en begon om zich heen te schieten. Aan de schietpartij kwam pas een eind toen hij werd doodgeschoten door een toegesnelde oud-student die in de buurt woont.

In het gebouw ziet het er gruwelijk uit, zeggen de mensen buiten. Overal ligt bloed, de schutter vuurde honderden kogels af. De mensen voor de deur zeggen niet veel. Ze leunen tegen het hek en kijken wat voor zich uit. Een vrouw zet de kreet „dood aan de Arabieren” in. Als een cameraploeg van de Arabische nieuwszender Al-Jazeera door de menigte probeert te komen, schreeuwen tientallen studenten mee. De ploeg moet met politiebewaking vertrekken.

Volgens internationale media was de schutter Alaa Abu Dhein, een 20-jarige Palestijn uit Oost-Jeruzalem. Toen hij met een mitrailleur en pistool de school binnendrong was het nog druk in de school, die ruim zevenhonderd studenten telt, vrijwel allemaal tussen de vijftien en negentien jaar. Er was nog een college bezig. Volgens verontwaardigde studenten was er op dat moment alleen bewaking bij de achteringang van het enorme gebouw.

De achtergrond van de schutter is nog onduidelijk. Hij kan banden hebben met de islamitische bewegingen Hamas of Hezbollah, maar zeker is dat niet.

Vervolg Israël: pagina 4

Hamas prijst, Abbas veroordeelt aanslag

Hamas heeft de aanslag toegejuicht, maar niet opgeëist. In de straten van Gaza, waar Hamas het voor het zeggen heeft, zouden duizenden mensen de straat op zijn gegaan om feest te vieren. Volgens Hamas heeft de schutter de Israëlische aanvallen van de afgelopen week op de Gazastrook gewroken, waarbij 120 doden vielen.

De sji’itische groep Hezbollah zegt vanuit Libanon dat een groep met de naam ‘De martelaren van Imad Mugniyeh’ achter de aanslag zit. Die groep, verder onbekend, zou de dood van de tweede man van Hezbollah, vorige maand, hebben willen wreken.

Dat de Palestijn uit Oost-Jeruzalem komt kan grote gevolgen hebben voor de Palestijnse inwoners van de stad. Zij kunnen zich iets makkelijker door Israël bewegen dan Palestijnen op de Westelijke Jordaanoever. Na gisteren is de bewegingsvrijheid van deze bewoners al beperkt: maar een beperkt aantal moslims mag vandaag bidden bij de Tempelberg.

De aanslag is de eerste grote in Jeruzalem sinds februari 2004, toen bij een zelfmoordaanslag acht doden vielen. De studenten van Merkaz HaRav en de inwoners van Kiryat Moshe schreeuwden gisteravond om wraak. Maar achter die kreten was ook angst te horen voor een nieuwe aanslag.

De invloed van de aanslag op „het vlaggenschip van het zionisme” in de rest van Israël en de bezette gebieden is eveneens groot. Merkaz HaRav, in 1924 gesticht door de Azhkenazische opperrabijn HaRav Kook, biedt het religieuze en ideologische fundament voor veel kolonistengemeenschappen op de Westelijke Jordaanoever. De school heeft banden met de radicale kolonistenbeweging Gush Emunim. Alumni worden vaak rabbijn in een nederzetting, of stichten zelf scholen.

Het hoofd van Merkaz HaRav bekritiseerde vanochtend, bij de begrafenis van de vermoorde studenten, politici die bereid zijn land terug te geven aan Palestijnen in ruil voor vrede. Hij riep op tot „sterker leiderschap”. Hij kreeg steun van de radicaal-rechtse partij Yisrael Beiteinu, tot voor kort coalitiepartij. Zie je wel, zei een woordvoerder van die partij, praten met Palestijnen is zinloos.

De Israëlische regering reageert in eerste instantie afwachtender. Een woordvoerder zei dat de mensen die de aanslag hadden toegejuicht, een misdaad tegen de menselijkheid begingen. Van wraakacties van het Israëlische leger werd niet gesproken. Ook de Palestijnse president Abbas veroordeelde de aanslag en zei dat het vredesproces een nieuwe kans moet krijgen.

De studenten van Mercas HaRav vrezen een nieuwe spiraal van geweld. Een jongen, met woeste baard en pijpenkrullen, loopt aan het begin van de nacht weg van de school. Hij is bang, zegt hij, en wil vannacht niet in Jeruzalem slapen. „De terroristen”, roept hij, „ze zitten overal. Ze schieten. We moeten maken dat we wegkomen!”

    • Guus Valk