Gedragscodes moeten hard genoeg zijn

„The prospect of hanging wonderfully concentrates the mind” (Het vooruitzicht prachtig te zullen hangen, fixeert de geest) Deze zinsnede van de achttiende-eeuwse Britse schrijver Samuel Johnson is zeer relevant voor veel financiële beroepen: het vooruitzicht van restrictieve wetten leidt tot duidelijk besef van de noodzaak van minder beperkende zelfregulering.

Het Institute of International Finance (IIF), een branchevereniging voor grote banken, heeft als laatste het licht gezien. De leden zullen volgens de Financial Times deze week een gedragscode bespreken voor risicogerelateerde bonussen. Het doel is het opstellen van regels ter voorkoming van situaties waarbij een handelaar een fortuin verdient als zijn gok goed uitpakt, maar de bank en de overheid zware verliezen lijden als dat niet het geval is.

Politici dreigen nog niet met draconische maatregelen, maar sommige commentatoren zeggen al dat banken te veel risico nemen met kapitaal dat feitelijk door de overheid wordt gewaarborgd. Als dat standpunt straks wet wordt, zouden bonussen van miljoenen dollars wel eens voltooid verleden tijd kunnen zijn. Dan is het beter om zelf met veel mildere restricties te komen.

De bankiers zijn niet de enige groepering die van mening is dat een beetje zelf toegebrachte pijn minder kwaad kan dan grote klappen die het gevolg zijn van stringente en overmatig bureaucratische overheidsregulering. Niet minder dan drie brancheorganisaties uit de hedgefondssector – The Asset Managers’ Committee, de Managed Funds Association en de Hedge Fund Working Group – zijn ermee bezig, evenals de Britse Private Equity and Venture Capital Association (een brancheorganisatie voor investeerders). En het Internationale Monetaire Fonds stelt een gedragscode op voor Sovereign Wealth Funds (staatsinvesteringsfondsen).

Zelfregulering kan voor alle betrokkenen redelijk goed functioneren. Accountants stellen boekhoudkundige normen op, die door de overheid worden bekrachtigd; advocaten en artsen zorgen dikwijls voor hun eigen tuchtrechtspraak. Zulke voorzieningen blijken doorgaans afdoende te zijn, al is soms enige druk vanuit de publieke opinie nodig. Het debacle met de zelfregulering van de kredietbeoordelaars is uitzonderlijk.

Maar bankiers en andere groeperingen uit de financiële sector moeten zich realiseren dat het veel makkelijker is een gedragscode op te stellen dan om er een af te dwingen. Bedrog kan slechts worden voorkomen door een realistische dreiging van openbare strafoplegging. Regeringen hebben die macht. Als de IIF en andere brancheorganisaties er niet in slagen een of andere transparante manier te verzinnen om misdragingen op te sporen en te bestraffen, zullen ze er een harde dobber aan hebben de overheid buiten de deur te houden.

    • Edward Hadas