Milieuclubs niet ‘tegen vissers, maar voor vogels’

Milieuorganisaties zijn tegen mosselvangst, als die niet gepaard gaat met natuurherstel. Daarom dient minister Verburg een beleidsvisie te ontwikkelen.

„Wij zijn niet tegen mosselvissers”, zegt Hans Peeters, woordvoerder van de Vogelbescherming. „We zijn vóór vogels. Hoe het nu verder gaat met de mosselen en de vissers, hangt af van de minister.”

Vorige week vernietigde de Raad van State de vergunning van een aantal mosselvissers om mosselzaad te oogsten in de Waddenzee. Feitelijk tekende de Raad hiermee het doodvonnis van de Zeeuwse mosselvissers, die voor jonge aanwas afhankelijk zijn van de kraamkamers op de Wadden.

De zaak was aanhangig gemaakt door de Vogelbescherming en enkele andere milieuorganisaties. De effecten van de visserij op de voedselvoorziening van de vogels zijn niet goed onderzocht, stelt de Vogelbescherming. Omdat de Waddenzee een beschermd natuurgebied is, had dat onderzocht moetten worden. Dus is de visvergunning voor de mosselvissers illegaal, claimde de Vogelbescherming. De Raad van State stelde de organisatie in het gelijk.

Hoe nu verder? Dat ligt volledig in handen van minister Verburg (LNV, CDA), zegt Hidde van Kersen, directeur van de Waddenvereniging in Harlingen. Kern van het probleem is dat de minister geen enkel leiderschap heeft getoond, zegt Van Kersen. Er zijn wel gesprekken geweest tussen mosselvissers en milieuorganisaties, maar die gesprekken hebben tot niets geleid omdat niet duidelijk was welke plannen heeft de overheid had met de Waddenzee.

Van Kersen: „De Raad van de Wadden heeft onlangs nog op eigen verzoek hetzelfde advies gegeven. De raad zei: als uw beleid werkelijk op duurzaamheid gericht is, dan gaat dat zo niet lukken. De visserijsector en de milieuorganisaties komen er niet uit als u niet aangeeft wat het einddoel is.”

Op 22 januari schreef de minister echter aan de Tweede Kamer in een reactie op dit advies dat ze „het creëren van een gezamenlijke visie” toch echt ziet als „een eerste verantwoordelijkheid van (regionale) stakeholders”. Ze wil wel wat hulp geven, maar verder niets.

Dat was „weglopen van de eigen verantwoordelijkheid”, meent woordvoerder Hans Peeters van de Vogelbescherming. „De Wadden zijn grensoverschrijdend qua provincies en beleidsgebieden. Het is aan het ministerie om een beleidsvisie te ontwikkelen.”

Naar aanleiding van de laatste uitspraak van de Raad van State schreef Verburg op maandag aan de Kamer dat ze wederom een gesprek met betrokken partijen wil initiëren.

Of dat succesvol zal zijn „hangt van de context af”, meent Van Kersen. „Ik heb verstand van natuur. Ik wil best over verduurzaming van de visserij praten, maar dat moet dan wel gelijk op gaan met natuurherstel. Dat dubbele pad mist nu vanuit het ministerie.”

Als dat constructieve gesprek op gang komt, is het zelfs mogelijk om iets voor de mosselvissers te regelen, denkt Van Kersen, opdat ze blijven bestaan.

In 2010 komen de resultaten van lopend onderzoek naar de effecten van de mosselvisserij op de vogelstand naar buiten. Dan kan op deugdelijke gronden een vergunning worden gegeven. In de tussentijd moet ook wel iets te regelen zijn, denkt Van Kersen. „Het hangt van de context af.”

Opinie: pagina 7

    • Hans van der Lugt