Links Texas geniet van race Democraten

Texas beslist vandaag vermoedelijk of Clinton in de race blijft. Progressieve Texanen ervaren haar strijd met Obama als een bevrijding. „Vergeet Bush even, wij bestaan óók.”

Barack Obama tijdens een ontmoeting met journalisten. Foto AP Democratic presidential hopeful Sen. Barack Obama, D-Ill., visits with the media on the back of the plane after arriving in San Antonio, Texas, for a town hall meeting with veterans Monday, March 3, 2008. (AP Photo/Rick Bowmer) Associated Press

D’Ann Johnson, sociaal advocaat uit Austin, Texas, heeft een plannetje. „Ik zal je laten zien hoe het hier echt is”, zegt ze met aanstekelijke geestdrift. Ze rijdt haar gammele stationcar voor. Haar stiefzoon, Mark McMurrey, die campagne voert voor een Senaatszetel, rijdt mee op de achterbank.

D’Ann Johnson (spreek uit: Dianne) trekt er tijd voor uit. Onderweg vertelt ze dat ze jaren werkte voor Ann Richards, de laatste Democratische gouverneur van Texas – in 1994 verslagen door ene George W. Bush.

Ze wil de frustratie van linkse Texanen laten zien. En de bevrijding die ze voelen nu er, voor het eerst in jaren, aandacht is voor het andere Texas: het Texas dat vandaag vermoedelijk beslist wie de Democratische presidentskandidaat wordt – Hillary Clinton of Barack Obama. Want nu Clinton beaamt dat ze vandaag beide voorverkiezingen moet winnen om in de race te blijven, en ze in Ohio, afgaande op peilingen, goede kans op de zege heeft, zal de aandacht zich richten op Texas, waar alles wijst op een nek-aan-nekrace.

„We hebben er genoeg van dat de wereld Texas ziet als cowboys en bruten”, zegt ze. Texas is immers ook de staat van Lyndon Johnson en de ‘Great Society’. De staat waar immigranten (nog steeds) zonder grote problemen worden opgenomen. De staat van Austin, het muzikale en technologische centrum van het Zuiden. Niet alleen de groenste stad van de VS, ook de meest eigenzinnige: met de publieksactie Keep Austin Weird strijdt de bevolking al jaren tegen de schaalvergroting in het bedrijfsleven en de vercommercialisering van de openbare ruimte. „Mijn stad”, zegt D’Ann Johnson.

Als ze haar stationcar door de straten van Austin stuurt, hangt ze voortdurend uit het raam om vrienden te begroeten. „Gilberto, Gilberto!” Het is Gilberto Ocañas, een lobbyist die als een van de eerste bekende latino’s in Texas zijn steun aan Obama gaf. Hij staat buiten een restaurant waar zojuist Obama’s campagneteam bijeen is geweest. „Alle cijfers zijn gunstig”, fluistert hij opgewonden. „Er gebeuren prachtige dingen.”

Binnen komen we Lloyd Doggett tegen, een van de progressiefste leden van het Huis van Afgevaardigden en daardoor vaak onderwerp van Republikeinse spot in Washington. Als ‘supergedelegeerde’ gaf hij twee weken terug ook zijn steun aan Obama. Een lastige keuze, omdat een groot deel van zijn kiezers, latino’s, naar Hillary neigt. „Spannend voor mij, dat geef ik toe.” Het maakt niet uit. „Eindelijk kunnen we zeggen: vergeet Bush nou even, wij bestaan óók.”

Buiten Austin is de behoefte aan een nieuw Texaans imago niet minder groot. Dat bleek ook zaterdag in Crawford, het dorpje dat zijn bekendheid dankt aan de ranch waarop Bush zoveel buitenlandse gasten ontvangt. Het was een gebruikelijke dag in het dorpje, dat voor zeker een kwart bestaat uit slecht onderhouden woonwagens en arbeidershuisjes. Terwijl veiligheidspersoneel, journalisten en ambtenaren verveeld wachtten op de premier van Denemarken, liet een briefje op het gesloten gemeenschapshuis, een paar kilometer verderop, het verhaal van het andere Crawford zien: ‘Verboden wapens te dragen in dit pand’.

Een goederentreintje stommelde voorbij, een man van middelbare leeftijd stapte uit zijn woninkje om poolshoogte te nemen. „Je bent verkeerd”, zei hij. Zijn naam wilde hij niet geven. „Wij hebben geen belangstelling meer voor meneer de president en zijn welgestelde vrienden.”

Verderop, op het schommelbankje voor het lokale Coffee Station, zat Jim Harrisson (71), handen op de wandelstok, met oude bekenden verhalen op te halen. Harrisson trouwde vijftig jaar geleden met „het mooiste meisje van Crawford”, ze vestigden zich in het noorden van Texas, en vandaag, onderweg naar Austin, maakt hij een tussenstop.

George W. Bush is goed geweest voor Crawford, zeggen ze hier. Harrisson denkt dat Bush een fatsoenlijke man is. Maar jongens! „Wat hééft hij er een troep van gemaakt.” En veel mensen vergeten, zegt hij, dat Crawford tot Bush’ komst in handen was van Democraten. „Dat is ons geheimpje. Nou, niet lang meer, hoor.”

Vervolg Voorverkiezingen: pagina 4

Democraten vieren feest, wie er ook wint

En zondagmiddag liep de studentenstad College Station, een kleine 200 kilometer verderop, massaal uit voor de Big Dog – Bill Clinton. Met rood aangelopen hoofd, maar zonder zich te verliezen in de uithalen die hem deze campagne kritiek opleverden, lichte hij met een groot taalgevoel Hillary’s programma toe.

Ook hier een zaal vol bevrijde Texanen. „We zijn op de weg terug, eindelijk”, zei Vicki Brown, lerares, de tranen in de ogen.

Zo illustreren de voorverkiezingen van Texas vooral het einde van een tijdperk. Het zal niet snel opnieuw gebeuren dat Texas zijn eigen Dixie Chicks attaqueert omdat de leadzangeres, zoals in 2003 het geval was, kritiek had op Bush.

Kenmerkender voor de mentale gesteldheid van de staat was recentelijk Mark McKinnon, een voormalige pr-adviseur van Bush met kantoor in Austin. Vorig jaar schoot hij John McCain te hulp toen zijn campagne op sterven na dood was. Maar nu McCain de nominatie binnen heeft, en McKinnon voorziet dat Obama de tegenstander wordt, heeft hij McCain laten weten dat hij zijn hulp staakt. Hij is zo onder de indruk van Obama dat hij geen zin heeft mee te werken aan een campagne die hem aanvalt, zei hij in de Texas Monthly.

Het is al voorbij tien uur ’s avonds als D’Ann Johnson haar auto parkeert bij een borrel van progressieve Democraten in Austin. Politici, journalisten en lobbyisten komen om de vijf weken samen in herinnering aan de vorig jaar overleden journaliste Molly Ivins, een icoon van progressief Texas. Bekend van haar vurige oppositie tegen de oorlog in Irak en haar bijnaam voor Bush: shrug (struik).

Bob Armstrong loopt hier rond, onderminister van Binnenlandse Zaken onder Bill Clinton. Hij vertelt losjes dat hij Bill gisteren nog heeft gebeld. „Ik had nog wat stemmen voor hem”, zegt hij. Pardon? „Gemotiveerde kiezers, die hem willen zien, en willen meebetalen. Dus heb ik even een avondje belegd.”

Politieke adviseurs spenderen de late avond voor een goed deel door hun interne peildata uit te wisselen met journalisten die hun eigen peilingen hebben laten houden. De gegevens over de te verwachten opkomst geeft ze hoofdbrekens. Er zijn zoveel nieuwe kiezers dat niemand zeker is over de uitslag.

Maar het staat vast, zegt Dave McNeely, veteraan van de Texaanse politieke journalistiek, dat de Democraten van Texas een indrukwekkende wederopstanding meemaken, wie er ook wint (hij vermoedt Obama).

Maar hij gelooft ook dat progressieve Texanen te veel verwachten van de verkiezingen. Hoop en optimisme zullen in Texas altijd stuiten op de ruwe zeden van het politieke bedrijf. Hij heeft net een boek geschreven over een symbool van de Texaanse politiek – Bob Bullock, een Democraat die in 1994 Ann Richards liet vallen, en zo George W. Bush in staat stelde gouverneur te worden.

Dat, zegt hij, is een goed voorbeeld van de mores in Texas. En om zijn stelling te accentueren schrijft hij in de opdracht voor het exemplaar van de Europese verslaggever: „(…) in Texas, we consider politics a contact sport”.

Het kan het optimisme van D’Ann Johnson niet bederven. Het is een feestelijke tijd. Als we na middernacht vertrekken, rukt haar stiefzoon, glas bier in de hand, zo hard aan het portier van haar stationcar dat het handvat loslaat. „Mwoa, geeft niks jôh.”

Uitslagen en meer, vannacht op het weblog: nrc.nl/race08