Kun je zelf je pensioen bij elkaar sparen?

„Is het mogelijk het pensioen dat ik spaar via mijn werkgever stop te zetten en het bedrag zelf te beleggen of sparen?”, vraagt Rosemarie Mijlhoff zich af. „En zo ja, hoe pak ik dat aan?”

Nee, dat is niet mogelijk en al was het dat wel, dan is het zeker niet aan te raden daaraan te beginnen.

Wie een arbeidscontract ondertekent, tekent meestal ook voor een verplichte pensioenregeling. De werkgevers en vakbonden hebben hierover in cao’s vastgelegde afspraken gemaakt. In de Pensioenwet van 2007 staat dat iedereen vanaf 21 jaar pensioen moet kunnen opbouwen.

Dat gaat volgens zogenoemde ‘collectieve regelingen’. Pensioen sparen hierbij is wettelijk verplicht, en goedkoper en efficiënter dan als je zou besluiten zelf pensioen te sparen. „Wanneer je jong bent, kan het aantrekkelijk lijken je eigen polis af te sluiten”, zegt Evert Jan Slootweg, beleidsadviseur pensioenen bij de CNV Vakcentrale. „De inleg is nog laag als je 25 bent. Maar als je ouder wordt, stijgt de premie. In een collectieve regeling ben je uiteindelijk goedkoper uit. Bovendien zijn de kosten voor een collectief lager en kan het efficiënter beleggen. Het collectief kan ook iets meer risico’s nemen.”

Op deze manier is de overheid ervan verzekerd dat Nederlanders uiteindelijk voldoende geld hebben om hun oude dag mee door te brengen. Daarnaast zijn de pensioenregelingen ook verplicht vanwege het solidariteitsbeginsel: je spaart niet alleen voor je eigen ouderdomspensioen, maar ook voor nabestaanden- en arbeidsongeschiktheidsregelingen.

Uit internationale onderzoeken blijkt het Nederlandse pensioensysteem een verstandige keuze. Wat blijkt namelijk: de meeste mensen die zelf hun pensioen moeten regelen zijn vaak niet in staat een adequate pensioenregeling voor zichzelf te treffen. „Ze beginnen te laat met sparen en ze sparen te weinig”, aldus Gerda Smits van de Vereniging van Bedrijfstakpensioenfondsen (VB). „Weinig mensen realiseren zich hoe duur een goed verzorgde oude dag is. Ze zeggen wel dat iemand met een fulltime baan een dag per week voor zijn pensioen werkt.”

Overigens zijn werkgevers niet verplicht een pensioenregeling aan te bieden. Maar door de afspraken tussen werkgevers en werknemers valt nu meer dan 90 procent van de werkzame beroepsbevolking onder een collectieve pensioenvoorziening.

In 1985 en 1996 ging het volgens schattingen om respectievelijk 82 en 91 procent van de werknemers boven de 25 jaar, aldus het CBS. Uit een werkgeversenquête in 2001 blijkt dat deze trend zich voortzet; steeds meer mensen in loondienst bouwen pensioen op. De werknemers die niet onder een collectieve pensioenvoorziening vallen, zijn bijvoorbeeld uit studenten met bijbaantjes of mensen die werken in sectoren waarin de bonden (nog) slecht georganiseerd zijn.