‘Katja Kabanova’ schrijnt

Opera Katja Kabanova van L. Janácek door de Ned. Opera en Ned. Philh. Orkest o.l.v. Yakov Kreizberg. Gezien: 3/3 Muziektheater Amsterdam. Herh.: t/m 21/3. Reserveren: 020-6255455.

Naast de ensceneringen van Pierre Audi vormen de negen producties van Willy Decker al jarenlang de glorie van de Nederlandse Opera. Katja Kabanova van Janácek wordt deze maand herhaald en werd gisteren ontvangen met ovaties, ook voor het voortreffelijke Amsterdamse operadebuut van dirigent Yakov Kreizberg. In het volgende seizoen wordt Deckers enscenering van Boris Godoenov herhaald en hij maakt een nieuwe productie van Verdi’s La traviata.

Net als in 2000 maakt Katja Kabanova enorme indruk: beklemmend en indringend. Onverdraaglijk schrijnend is het leed van Katja die is overgeleverd aan een meedogenloze schoonmoeder. Ze woont als in een gevangenis, buiten vliegen meeuwen en zelf wil ze als een vrije vogel vliegen op de wilde winden. Ze pleegt overspel, dat ze vol schuldgevoel opbiecht. Ze springt in de Wolga, wiekend naar de dood, die haar bevrijdt.

Janáceks maximaal expressieve en inkervende muziek in deze soms gedateerde, karikaturale en felrealistische dorpstragedie, geeft een eeuwige bestaansreden. En Yakov Kreizberg en zijn uitstekende Nederlands Philharmonisch Orkest geven daaraan indrukwekkend gestalte, juist door tussen de inktzwarte realiteit en de etherische visioenen van Katja tal van emoties hoorbaar te maken.

Amanda Roocroft is als Katja soms tranenverwekkend in haar uitzichtloze ellende en evenaart daar ongeveer Susan Chilcott, die in 2000 de titelrol zong. Chilcott overleed in 2003, veertig jaar oud, een zoontje van vier achterlatend. Soms is er geen verschil tussen opera en realiteit. Ook verder is de goeddeels nieuwe cast uitstekend met goede rollen voor Kurt Streit (Boris) en vooral Natascha Petrinsky (Varvara). Kathryn Harries is als de schoonmoeder minder extreem demonisch dan destijds Josephine Barstow.

    • Kasper Jansen