Industrie in VS krimpt door de huizencrisis

De Amerikaanse productiesector is onder druk van de malaise op de huizenmarkt verder gekrompen. De graadmeter die de gezondheid van de branche weergeeft is op het laagste punt in vijf jaar beland.

De zogeheten productie-index van het Institute for Supply Management zakte van 50,7 in januari naar 48,3 in februari. Een cijfer onder de vijftig betekent dat de sector krimpt. De graadmeter is een van de eerste indicatoren van de stand van de economie van dit moment. Na het bekend worden van de index daalde de Dow-Jonesindex op Wall Street. Uiteindelijk sloot de Dow Jones nagenoeg onveranderd.

Het Amerikaanse ministerie van Handel maakte gisteren bekend dat de uitgaven van de bouwsector de scherpste daling doormaakten van de laatste veertien jaar.

De krimp in de productiesector en de afname van de bouwuitgaven zijn een gevolg van het ineenstorten van de Amerikaanse huizenmarkt. Door de dalende huizenprijzen daalt de koopkracht van Amerikaanse consumenten en geven zij minder uit. Vooral fabrikanten van auto’s, meubels en huishoudelijke apparaten zien de vraag naar producten teruglopen. Consumentenuitgaven zijn goed voor tweederde van de Amerikaanse economie. Economen beschouwen het dalende productiecijfer daarom als verder bewijs dat de economie zich richting een recessie beweegt.

Volgens superbelegger Warren Buffett „ziet iedereen met gezond verstand in dat de Amerikaanse economie in een recessie verkeert”. Van een recessie is sprake bij twee opeenvolgende kwartalen krimp.

De Amerikaanse olieprijs vestigde gisteren een nieuw record met 103,95 dollar per vat in New York. Gecorrigeerd voor inflatie is hiermee het vorige record, uit 1980, gebroken. Toen steeg de prijs als gevolg van een plotseling gebrek aan olie, nu neemt de prijs gestaag toe omdat handelaren zich proberen in te dekken tegen een zwakkere dollar. Hierdoor worden grondstoffen zoals olie, koper en graan duurder.