Goede zorg en woensdag is er schilderles

De SER adviseert binnenkort over de volksverzekering AWBZ. De toekomst van de ouderenzorg: wie meer wil, moet meer betalen. Deel 1 in een korte serie.

Om in het Haagse particuliere verzorgingstehuis Huize Statigh te wonen hoef je, volgens de directie, „geen miljonair te zijn”. Foto Floren van Olden Den Haag 25-02-2008 Statigh particulier verzorgings tehuis. Bewoners moeten onherkenbaar in beeld. Foto Floren van Olden gezondheidszorg verzorgingstehuizen bejaarden ouderen dementie Olden, Floren van

Ochtendspits in Huize Statigh, aan de Haagse Statenlaan. Vier hoogbejaarde vrouwen zitten in de huiskamer. Ze hebben gezelschap van zes verzorgsters in witte uniformen; een brengt een kopje thee, de ander helpt met een boterham, een derde zit gezellig naast een bewoonster op de bank, de arm vriendschappelijk om haar schouder. Dat is het kenmerk van dit particuliere verzorgingshuis, onderstreept directeur Jolanda Haas: „Een-op-eenzorg.”

In ‘zorg- en woonvoorziening’ Duinhage, eveneens in Den Haag, heeft de cliëntenraad het die ochtend over computers gehad. Er staat nu slechts één pc voor alle bewoners, maar er komen twee nieuwe, heeft directeur Martin Mornout toegezegd. „Ze vragen om meer activiteiten, anders, moderner.” En misschien kan hij zijn eigen pc, al jaren oud, overdragen.

Ziehier het verschil tussen een particulier verzorgingshuis, waar de bewoners bijbetalen, en een traditioneel, grootschalig verzorgingshuis, geheel bekostigd uit de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ). Voor zorg, kost en inwoning van 87 ‘standaardbewoners’ krijgt directeur Mornout gemiddeld 2.591 euro per inwoner per maand. Ook Haas ontvangt AWBZ-geld voor ieder van haar negen kostgangers. Zij betalen bovendien een individuele bijdrage voor ‘hotel- en zorgkosten’: 2.689 tot 3.962 euro per maand, afhankelijk van de kamergrootte.

Ziehier ook de toekomst van de ouderenzorg, die straks ruimere mogelijkheden biedt om tegemoet te komen aan individuele wensen. Wie meer wil, kan meer krijgen. Wie meer wil, moet ook meer betalen. Daartoe is een scheiding tussen woon- en zorgkosten onvermijdelijk. Ook bewoners van een traditioneel bejaardentehuis kunnen dan bijvoorbeeld kiezen voor grotere, en duurdere, kamers.

De zorgsector zag het al lang aankomen, en de Sociaal-Economische Raad zal die opvatting verwoorden in een zwaarwegend advies aan het kabinet.

De AWBZ vangt straks voor iedereen gelijkelijk de kosten van echte zorg en verpleging op. Woonlasten betalen bewoners zelf maar. Vroeger betaalden ze immers ook huur of hypotheek. En de AWBZ was bedoeld voor onverzekerbare zorg. Wie kan sparen voor een pensioen, kan ook sparen voor huisvesting. Directeur Mornout ziet de ratio: „Waarom zou de gemeenschap de kabeltelevisie van een bewoner hier betalen?”

Toegegeven, scheiden van wonen en zorg leidt ook tot een scheiding tussen arm en rijk. Is dat erg? Mornout: „Een forse groep heeft geen geld en kan niet kiezen. Maar als je vijftig jaar geleden weinig geld had, zat je ook in het kleinste kamertje van het bejaardenhuis.”

Haas relativeert ook: „Je hoeft geen miljonair te zijn om hier te wonen. Toch is er wel haat en nijd. Toen wij op de Ouderenbeurs stonden, reageerden veel AOW’ers die het niet konden betalen negatief.”

Mevrouw A. Houtstra-Dekker (79) aarzelde niet bij haar keuze voor Huize Statigh. „Mijn moeder was reumapatiënt, afhankelijk van hulp. Die zat in zo’n groot tehuis, waar ze weinig tijd voor je hebben. Heel bezwaarlijk.” Toen ze zelf meer verzorging nodig had, verkocht mevrouw Houtstra haar grote woning aan de Thorbeckelaan. Met de opbrengst ervan kon ze haar huidige kamer betrekken.

Ze noemt zichzelf een bevoorrecht mens. „’t Is goed wonen hier, en verschrikkelijk duur. Maar dat is het waard. Je wordt goed verzorgd, er zijn veel activiteiten. Er komt een koor, of een zangeres. Op woensdag heb ik schilderles. En als je koffie, thee of wijn wilt hebben, dan is dat er. Eigenlijk zou iedereen zo moeten zitten.”

Duinhage-directeur Mornout kan zich voor de AWBZ-bewoners slechts een-op-driezorg permitteren. Van zijn budget gaat 70 procent naar personeel. Hij kan 29 arbeidsplaatsen betalen voor de directe verzorging. Op het drukste moment van de dag, de ochtend, betekent dit dat er elf verzorgers actief zijn. Daarnaast heeft Duinhage indirect personeel, voor bijvoorbeeld administratie en huishoudelijke dienst.

Huize Statigh heeft dat anders opgelost. Cateraar, diëtiste en fysiotherapeuten komen aan huis. Haas heeft, naast een managementassistent, alleen direct verzorgenden in dienst. En als er eens eentje uitvalt, springt ze zelf in.

Haas was jarenlang werkzaam in een verzorgingshuis – totdat ze daar op afknapte. „Schrijnend, de reguliere zorg. En dat ligt niet aan het personeel, hoor. Maar wat wil je, als je met z’n tweeën twintig bewoners moet doen.

„Kijk, als hier iemand naar het toilet moet, help je gelijk. Daar worden mensen incontinent gemaakt. Bij ons wordt iedereen elke dag gedoucht. Wij kennen geen pyjamadagen. Wij kunnen mensen wakker houden om te voorkomen dat ze dag- en nachtritme omdraaien.”

Volgens directeur Mornout hebben zijn bewoners het goed naar de zin. Er zijn geregeld activiteiten, zoals uitstapjes. Toch zou ook hij graag meer tijd en aandacht aan de bewoners besteden. „Daarom zijn we het leefplan sinds vorig jaar veel meer gaan richten op de geschiedenis van de bewoner. Je kijkt naar leefstijl, verleden, interesses. Zo kan je de zorg op mensen afstemmen, en hoeven de mensen zich niet aan de zorg aan te passen. Je wilt ze niet institutionaliseren.” Tegelijk, erkent hij, kent de zorg zoveel regels, normen en administratieve eisen dat individuele aandacht er snel onder lijdt. „Je zit altijd tegen de ondergrens aan. Een praatje schiet er dan bij in. Ook in een verzorgingshuis komt eenzaamheid voor.”

De strijd daartegen is vaak een nobel streven. Mornout: „De zorg wordt gewoon steeds zwaarder. Het verzorgingshuis wordt een verpleeghuis. Vroeger had je mensen die zelf naar de wc konden, een boodschap doen. Nu heb je veel meer verzorgers nodig. Maar de budgetten zijn niet meegegroeid. Er is verschraling in de zorg.”

Duinhage kent naast de AWBZ-verzorging al enige tijd een verpleegafdeling en particuliere appartementen waarvan de bewoners basiszorg inkopen. Hier is sprake van aparte geldstromen voor zorg (AWBZ) en wonen – inclusief de bijbehorende keuzevrijheid. „Zo krijg je invloed op je eigen welzijn en wooncomfort”, zegt Mornout. Wat hem betreft mag de scheiding tussen wonen en zorg ook worden ingevoerd voor het traditionele verzorgingstehuis. „Differentiatie is goed. Mensen willen dit.”

Mevrouw Houtstra in Huize Statigh kan dat bevestigen. En wat als haar geld op is, en ze naar een gewoon verzorgingshuis moet? „Dat zou een ramp zijn. En het gaat een keer gebeuren. Maar tot die tijd zien we wel.”

De renovatie van de AWBZ op nrc.nl/binnenland

    • Hans Wammes