‘Een zoekende aanpak vind ik interessant’

Rutger Wolfson is bij het Filmfestival Rotterdam aangesteld zonder een grote kennis van de filmwereld. „Ik ga nu natuurlijk als een idioot films kijken.”

Rutger Wolfson Foto NRC Handelsblad, Vincent Mentzel Rutger Wolfson (1969) Directeur De Vleeshal,Middelburg & directeur International Film Festival Rotterdam ,IFFR. foto VINCENT MENTZEL/NRCH==F/C==Rotterdam, 18 januari 2008 Mentzel, Vincent

Na sinds september vorig jaar het Filmfestival Rotterdam als interim geleid te hebben, is Rutger Wolfson vandaag benoemd tot directeur van het festival.

Was het op het laatst nog een ingewikkelde benoeming?

„Dat viel mee. Een week na het einde van het vorige festival heeft het bestuur me gevraagd. Ik heb daarop gezegd dat ik eerst afstand moest nemen en nadenken. Dat heb ik tijdens de vakantie gedaan en vervolgens heb ik ja gezegd, mits de medewerkers het ermee eens waren. Die bleken gelukkig ook heel positief te zijn.”

Het festival zocht iemand met een internationaal netwerk en grote filmkennis. Dat is niet gelukt. Voelt uw benoeming als een tweede keus?

„Ik dacht altijd dat iemand met een ander, breder profiel deze baan ook goed zou kunnen doen. Dat is ook een beetje de trend in de culturele sector. Kijk naar de aanstelling van Wim Pijbes bij het Rijksmuseum. Dat is iemand met vele kwaliteiten, maar niet per se de grootste deskundige op het gebied van de schilderkunst van de zeventiende eeuw. Bovendien: ik ben er gewoon trots op dat ik deze eervolle baan mag doen. Punt.”

Hoe wilt u een netwerk in de filmwereld gaan opbouwen?

„Iemand heeft eens gezegd dat het twee maanden kost om het op te bouwen, en de rest van je leven om het te onderhouden. Ik maak me daar weinig zorgen over.”

Welke accenten wilt u gaan zetten?

„Dat zal niet hemelsbreed verschillen van het huidige festival. Rotterdam staat als festival, vind ik. Maar het is altijd mogelijk om onderdelen te optimaliseren en elkaar meer te laten versterken.

„Daarnaast vind ik het interessant om na te denken over onze hedendaagse beeldcultuur, en de plaats van een filmfestival daarin. Dat klinkt abstract, maar dat is nu eenmaal de fase waarin ik nu zit. Ik wil daar veel gesprekken over gaan voeren. Verwacht dus ook niet meteen hele sluitende antwoorden op de volgende editie van het festival. Die zoekende aanpak is juist interessant, vind ik.”

Bij de vorige editie was er kritiek dat er te weinig ontdekkingen waren, en dat veel regisseurs van naam niet meer naar Rotterdam komen.

„We moeten ons natuurlijk afvragen of die kritiek hout snijdt, al valt het me op dat alle festivals ongeveer die kritiek krijgen. Mensen herinneren zich dat Jim Jarmusch op het festival was. Maar ze vergeten dat hij toen nog volkomen onbekend was. Soms moet je ook gewoon door de nostalgie heen.”

Gaat u uw filmkennis bijspijkeren?

„Ik nu ga natuurlijk als een idioot films kijken. Daar ben ik stiekem al mee begonnen. Het allerleukste van dit werk is dat je zoveel films mag zien en dat het nog geoorloofd is ook. Dat het niet aanvoelt als spijbelen.”

Lees analyse van Wolfsons eerste festival: nrc.nl/kunst