Tekeer tegen Shell

Het bedrijfsleven is de plannen voor een beter milieu aan het ‘kapot lobbyen’, volgens Kamerlid Diederik Samsom (PvdA).

Den Haag, 3 maart. - „Juist bij Shell heb ik leren omgaan met onduidelijke besluitvorming”, schreef Wouter Bos in 2006 nog in zijn autobiografisch getinte pamflet Dit land kan zoveel beter. Maar dat de partijleider van de PvdA mede gevormd is in de kaders van het reusachtige Shell betekent nog niet dat het energieconcern bij de sociaal-democraten een streepje voor heeft. Sterker, afgelopen week leek het even of de geest van de jaren zeventig door de Haagse gangen waarde. Terwijl buiten gedemonstreerd werd voor een schoner milieu, ging de PvdA binnen tekeer tegen het bedrijfsleven in het algemeen en Royal Shell in het bijzonder.

Tweede Kamerlid Diederik Samsom (PvdA) hekelde woensdag bij de behandeling van de klimaatvoorstellen van de Europese Commissie het gedrag van de zakenwereld. Het bedrijfsleven is de klimaatplannen aan het ‘kapot lobbyen’. „En als we niet oppassen”, zo waarschuwde hij, „gaat dat nog lukken ook!”

Grootste ergernis: de manier waarop Shell er in slaagde de olieraffinaderijen vrij te stellen van de verplichting vervuilingsrechten te kopen. Wie in Europa niet hoeft te betalen voor het recht om broeikasgassen uit te stoten heeft weinig stimulans om wat schoner te werken. Staalfabrikanten als Corus zijn vrijgesteld van het systeem, omdat zij anders te veel benadeeld zouden worden ten opzichte van concurrenten buiten de Europese Unie. Voor raffinaderijen geldt dat niet, zegt Samsom: die leveren hun producten lokaal af, net als benzinestations. Samsom: „President-directeur Jeroen van der Veer stuurt één briefje naar Brussel en raffinaderijen worden vrijgesteld. Pure hypocrisie”. Want, memoreerde hij, was het niet dezelfde Shell die zich een jaar geleden schaarde in de groep van Leaders for Nature, de club van meer dan negentig captains of industry (en één journalist) die een dringend beroep deed op de politiek om toch alsjeblieft het klimaat serieus te nemen? Toen werd er vooral gepleit voor een nieuw kabinet met een „mondiale visie op natuur- en klimaatbeleid”. Samsom: „We moeten niet zwichten voor de druk van Shell.”