Slim compromis Eni met Venezuela

Twee weken na het bijleggen van het conflict met Venezuela over de onteigening van zijn Dacion-olieveld was het Italiaanse olieconcern Eni terug in Caracas om een nieuwe overeenkomst te beklinken. De Italianen zullen samen met de Venezolaanse staatsoliemaatschappij Pdvsa een deel van de gigantische teerzanden in de Orinoco-delta gaan ontginnen. De transactie lijkt gunstig voor beide partijen. Een mogelijke verliezer is echter ExxonMobil. Als dat Amerikaanse olieconcern volhardt in zijn verbetenheid jegens Venezuela, kon het wel eens buitengesloten worden van een van ’s werelds grootste olievoorraden.

Buitenlandse oliemaatschappijen reageerden verschillend op de nationalisatie van de olie-industrie door Hugo Chavez in 2006. Sommige, zoals BP en Chevron, troffen een regeling en schikten zich naar Chavez’ wensen. Andere, waaronder Eni en Exxon, weigerden hun belangen in projecten vrijwillig te reduceren. In reactie daarop onteigende Chavez hun belangen, waarna hun de toegang tot Venezuela werd ontzegd.

Sindsdien hebben Eni en Exxon uiteenlopende wegen bewandeld om hun gelijk te halen. Exxon daagde Venezuela voor de rechter en verkreeg uitspraken in Groot-Brittannië en Nederland, waardoor voor 12 miljard dollar aan bezittingen van staatsoliemaatschappij Pvdsa (Petróleos de Venezuela, S.A.) werd bevroren. Exxon eiste ook de marktwaarde als vergoeding voor zijn onteigende belangen, in plaats van de veel lagere boekwaarde.

Eni ging minder hoogdravend te werk. Het concern spande een rechtszaak aan, maar voerde ook onderhandelingen op hoog niveau met Venezuela om een overeenkomst uit te werken. Uiteindelijk ging het naar verluidt akkoord met de boekwaarde voor het Dacion-veld – een magere 700 miljoen dollar – maar daardoor heeft het nu een belang in Orinoco verkregen, een waardevolle compensatie.

Eni zal het project met Pdvsa moeten delen en het nieuwe royaltytarief van 30 procent moeten betalen. Maar het belang van 40 procent komt overeen met 120.000 vaten per productiedag, het dubbele van Dacion. En de slinkende voorraden van Eni worden nu uitgebreid met 1 miljard vaten, waardoor de reserves in één klap met 16 procent toenemen.

Het wordt voor private olieconcerns steeds moeilijker om de hand te leggen op nieuwe voorraden. Daarom lijkt het besluit van Eni om zijn verlies te nemen en een nieuwe overeenkomst af te sluiten op pragmatische overwegingen gebaseerd. Exxon heeft net als Eni onlangs een compromis aanvaard teneinde een voet tussen de deur te kunnen houden in Kazachstan. Het concern zal zijn koppige – zij het gerechtvaardigde – opstelling jegens Venezuela wellicht moeten wijzigen als het niet in de kou wil blijven staan.

Cyrus Sanati