Noodtoestand in Armenië na straatgeweld

In Armenië is zaterdag de noodtoestand uitgeroepen na een dag van geweld tussen de politie en aanhangers van de oppositie. Bij de gevechten vielen acht doden. Gisteren zijn twee parlementariërs van de oppositie gearresteerd wegens „een couppoging”.

De strijd brak uit toen zaterdagochtend de oproerpolitie met geweld een eind maakte aan een permanente betoging in het centrum van Jerevan. Daar hadden aanhangers van de oppositie sinds 20 februari geprotesteerd tegen de volgens hen vervalste uitslag van de presidentsverkiezingen van 19 februari. Volgens de officiële uitslag kreeg daarbij premier Serzj Sarkissian 53 procent van de stemmen en zijn belangrijkste uitdager, oud-president Levon Ter-Petrosian, 21,5 procent.

De politie verdreef de rond achtduizend betogers van het plein met traansgas en schoten in de lucht. Later hergroepeerden rond 15.000 demonstranten zich elders in de stad. Er werden winkels en kiosken geplunderd en auto’s in brand gestoken. Aan het eind van de dag bleken acht mensen te zijn omgekomen – zeven burgers en een politieman – en zeker 131 mensen gewond te zijn geraakt, onder wie 33 politiemannen. Volgens de politie is er door betogers geschoten; zestien politiemannen zouden schotwonden hebben. Er werden 55 arrestaties verricht.

Zaterdagavond riep president Robert Kotsjarian, die eerder het permanente protest had bestempeld als een poging tot een staatsgreep, de noodtoestand uit, die tot 20 maart van kracht moet blijven. Onder de noodtoestand zijn demonstraties verboden en mogen media alleen informatie van de regering doorgeven. Gisteren bleef Jerevan rustig; honderden gehelmde politiemannen met kogelvrije vesten en kalasjnikovs patrouilleerden in de stad.

Levon Ter-Petrosian – die president was van 1991 tot 1998 – kreeg gisteren de facto huisarrest: hij mocht zijn woning niet verlaten. Hij zei dat de betogers niet bewapend waren en dat het plunderen het werk was van door de regering ingehuurde provocateurs. Vrijdag had Ter-Petrosian het Hooggerechtshof gevraagd de uitslag van de verkiezingen van 19 februari te annuleren.

De Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa (OVSE) stuurt een gezant naar Jerevan om er te praten over de crisis – de ergste in Armenië in tien jaar. Ook de buitenlandcoördinator van de EU, Javier Solana, stuurt een persoonlijke gezant naar Jerevan. De Amerikaanse regering drong bij de Armeense regering en de oppositie aan op terughoudendheid. (Reuters, AFP, AP)