Argentijns hockeyviertal als barometer

Tilburg probeert in de hoofdklasse hockey met vier Argentijnse internationals de play-offs te bereiken. Maar soms wint hun temperament het van hun zelfbeheersing.

De Argentijn Matias Vila legt aan voor Tilburg. Foto Merlin Daleman Nederland, Utrecht, 02-03-08 Kampong tegen Tilburg. © Foto Merlin Daleman Daleman, Merlin

Het viertal Matias Vila, Tomas Mac Cormik, Lucas Vila en Esteban Rognoni is de barometer van Siegfried Aikman. De coach van de hockeyers van Tilburg kan aan het gedrag van de Argentijnse internationals peilen hoe zijn ploeg ervoor staat. Gistermiddag verloren ze hun zelfbeheersing en liep de verrassende campagne richting play-offs een deuk op. Aikman: „We begonnen het seizoen onbewust onbekwaam, werden toen onbewust bekwaam en zijn nu op weg bewust bekwaam te worden.”

Tilburg hervatte de competitie vorige week met een pijnlijk optreden tegen koploper Amsterdam (6-1) en ging gisteren tegen Kampong opnieuw met grote cijfers onderuit: 5-3. Het wedstrijdverloop was af te lezen aan de Argentijnen, die in de eerste helft betrokken waren bij de speelse aanvallen waaruit Tilburg twee keer op voorsprong kwam. Bij een gelijke stand maakten ze geniepige overtredingen en bekritiseerden ze de scheidsrechters. Het theater bereikte een overtreffende trap toen Kampong een beslissende voorsprong nam en Aikman ingreep door te wisselen. Woest smeet Matias Vila zijn stick tegen de dug-out.

„Het lukte niet bij de Argentijnen en ze lieten hun frustraties wel erg blijken”, zei Aikman na afloop in Utrecht. „Dat emotionele gedrag zit in de volksaard en ik heb ze gewisseld om ze tot rust te manen. Op een gegeven moment deden ze gewoon niet meer mee. Maar als het goed gaat, stijgen ze boven zichzelf uit. Ze dragen het team, werken keihard, maar zijn soms te ongecontroleerd.”

De Argentijnen van Tilburg treffen in de hoofdklasse heel wat landgenoten, die de Nederlandse competitie opzochten om wekelijks centraal te kunnen trainen met de nationale ploeg. De olympische missie strandde vorige maand bij het kwalificatietoernooi in Nieuw Zeeland. Meteen daarna vlogen de Argentijnen naar hun thuisland, waar Tilburg een twaalfdaags trainingskamp had belegd. In Buenos Aires fungeerde het kwartet als reisbegeleiding voor de ploeg.

Aikman: „In Nederland regelen de jongens veel voor de Argentijnen, daar was het andersom. Zij zorgden voor trainingsvelden, uitjes en barbecues met hun families. We hebben daar vier oefenwedstrijden gespeeld en drie keer gewonnen. Maar in zo’n voorbereiding voel je geen druk, terwijl we intussen meer zijn dan de vrijbuiters van de hoofdklasse.”

Tilburg bezet de derde plaats, die recht geeft op deelname aan de play-offs om het landskampioenschap. Het is een ongewone situatie voor de wit-bruin geklede ploeg uit Brabant. Aikman, die voor dit seizoen werd aangesteld als opvolger van coach Sjoerd Marijne (vertrokken naar Amsterdam), trof bij zijn aantreden vooral bescheiden ambities. In individuele gesprekken bleek dat de meeste spelers degradatie wilden ontlopen. Van Kampong verliezen was niet meer dan jammer.

Aikman gaf de hockeyers meer eigen verantwoordelijkheid. „Ze waren een type coach gewend bij wie je doet wat je wordt gezegd. Ik verwacht van hen meer inbreng. Straks stuur ik ze de wedstrijdbeelden per e-mail, zodat ze bij de training een mening hebben. Dat heeft te maken met persoonlijke groei, net als durven uitspreken dat je voor de play-offs wilt gaan, zoals in de winterstop bleek.”

Het leidde niet alleen tot een opleving van spelers als Wouter Hermkens, Joep van der Loo, Jan Maarten Tacke en Koen Houben, maar ook van de Argentijnen. Aikman: „Zij moeten ook gewoon wennen aan het vereiste niveau voor een rol in de top van de hoofdklasse.” De coach stelde taalles verplicht. „Als je hier hockeyt, moet je de taal spreken en je verdiepen in Nederland. Zeker als je hier al drie jaar bent. Pas dan zijn investeringen om volwaardig teamspeler te worden zinvol.”

Na twee forse nederlagen ziet het er plotseling minder rooskleuring uit voor Tilburg. „Dit is geen incident of domme pech”, stelt Aikman, die tot zijn genoegen „ware teleurstelling” bij zijn hockeyers zag. „Na de winterstop zijn ploegen er op gebrand tegen ons te presteren. Tilburg is geen reuzendoder meer, maar één van de reuzen. Dat is een compliment, maar het leidt ook tot druk. Daar mee omgaan is geen gewenningsproces, maar een kwestie van verdieping van kwaliteit en kunde. Soms is alleen balbezit genoeg en moet je gedisciplineerd en rustig blijven spelen. We moeten leren onze zegeningen te tellen.”

Tilburg – de Argentijnen in het bijzonder – kreeg gisteren ook een lesje in mentale weerbaarheid. Aikman: „We gaven gewoon op bij een achterstand. Dan krijg je net als tegen Amsterdam een geflatteerde uitslag. De les is dat we ons moeten afvragen waarom de scores zo hoog uitvallen. Want een play-offplek is voor sommige jongens bij Tilburg een kans die misschien nu voor de laatste keer voorbij komt.”

    • Michiel Dekker