Turkije trekt zijn troepen terug uit N-Irak

Turkije heeft zijn troepen uit Noord-Irak teruggetrokken. Dat heeft het Turkse leger gisteren laten weten. Volgens de generale staf is de het doel van de operatie in Noord-Irak bereikt. „Turkije heeft de organisatie (lees: de PKK) laten zien dat Noord-Irak geen vrijhaven voor haar is”, zo liet de legerleiding in een verklaring weten. De Turkse strijdmacht ontkende dat „druk van buitenaf” een rol heeft gespeeld bij het besluit tot terugtrekking.

Of dat laatste correct is, is zeer de vraag. Eerder deze week drong de Amerikaanse president Bush er bij Turkije op aan de operatie in Irak zo snel mogelijk te beëindigen. De Amerikaanse minister van Defensie Robert Gates, die deze week Turkije bezocht, bracht dezelfde boodschap over. Turkije krijgt sinds enige tijd waardevolle informatie van de Verenigde Staten over bijvoorbeeld de posities van de PKK in Noord-Irak. Voordat de inval plaatshad, lieten tevreden Turkse militairen de pers vaak weten dat de militaire samenwerking met de VS nog nooit zo goed was geweest. Trotseren van het Amerikaanse verlangen om de operatie te beëindigen, zou die samenwerking ongetwijfeld onder druk hebben gezet.

Deze week zette de strijdmacht steeds verklaringen op het internet over de resultaten van de Turkse militairen in Noord-Irak. Volgens het Turkse leger, dat vandaag onderstreepte dat er nooit sprake van was de gehele PKK te „liquideren”, is de operatie een groot succes: 240 PKK-aanhangers werden buiten gevecht gesteld, aldus de strijdmacht, terwijl aan Turkse zijde 27 levens verloren gingen. Mochten deze cijfers correct zijn, dan is dat voor Turkije een groot succes. In Noord-Irak verblijven naar schatting niet meer dan 4.000 PKK-strijders. De Koerdisch-extremistische beweging zelf heeft deze cijfers overigens naar het rijk der fabelen verwezen. Volgens haar vonden 130 Turkse militairen de dood, tegenover vijf PKK-strijders. Een woordvoerder van de PKK in Noord-Irak begroette de terugtrekking van de Turkse troepen als een overwinning voor zijn beweging.

Premier Erdogan prees het leger voor de operatie die een „flinke klap” zou hebben uitgedeeld op een moment dat de PKK die totaal niet verwachtte. Dit offensief hoeft overigens niet het einde te zijn van Turkse militaire activiteiten in Noord-Irak. In oktober vorig jaar gaf het parlement de regering en het leger voor een jaar toestemming om militaire activiteiten in Noord-Irak te ontplooien.