Spoedoverleg over crisis in thuiszorg

Het ministerie van VWS, thuiszorginstellingen, cliëntenraden en gemeenten bespreken binnenkort de crisis in de thuiszorg.

Sinds het Rijk de verantwoordelijkheid voor de thuiszorg heeft overgedragen aan de gemeenten, per 1 januari 2007, is er veel kritiek op. Veel mensen zouden onvoldoende en ondermaatse zorg krijgen. Volgens VWS, cliëntenraden en thuiszorginstellingen zijn bij de overgang fouten gemaakt. Veel gemeenten weten niet welke hulp nodig is of geven te beperkte hulp.

Directeur Aad Koster van Actiz, branchevereniging van zorgorganisaties, wijst erop dat gemeenten vaak alleen goedkope thuiszorg willen vergoeden. In dat geval kunnen slechts laaggekwalificeerde alfahulpen worden ingezet. Voor de overgang werd in 80 procent van de gevallen duurdere hulp gegeven. Cliëntenorganisaties hebben honderden klachten ontvangen over ontoereikende hulp.

Om de hulp op peil te houden, sturen veel thuiszorginstellingen toch duurdere medewerkers. Alfahulpen kosten per uur rond 13 euro, een vaste medewerker van een thuiszorginstelling kost ruwweg 22 euro.

Staatssecretaris Bussemaker (VWS, PvdA) heeft al laten weten de wet per 2009 te zullen aanpassen. Klanten mogen straks kiezen voor een alfahulp of duurdere zorg. De Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) is tegen, omdat dat haar leden geld kost.

Actiz wil in het spoedberaad een overgangsregeling afspreken tot 2009. Als die uitblijft, vreest de organisatie dat tientallen thuiszorginstellingen failliet gaan. „Nu al zit zeker 40 procent van de instellingen in de rode cijfers”, zegt Koster. In Nederland zijn 500 zorgorganisaties, waarvan de meesten thuiszorg leveren. Volgens Koster maken leden al saneringsplannen die 2.000 tot 5.000 banen kosten.

Savant Zorg in Helmond maakte vanochtend bekend af te willen van 170 medewerkers, eenderde van zijn thuiszorghulpen. De organisatie maakte vorig jaar 2 miljoen euro verlies op thuiszorg.

De landelijke organisatie van cliëntenraden LOC vindt dat de beoordeling van de vereiste zorg, de zogeheten indicering, moet verbeteren. Veel gemeenten bepalen nu welke hulp nodig is op grond van een telefoontje. Plaatsvervangend LOC-directeur Marthijn Laterveer wil dat ambtenaren woningen gaan bezoeken om nauwkeuriger te bepalen welke hulp nodig is.