Omstandigheden

Achter de ruit van winkeldeuren die onverwachts niet opengaan, zit wel eens een handgeschreven kaartje met de tekst: „Wegens omstandigheden gesloten.”

De eerste keer dat ik zo’n mededeling las, zal ik een jaar of tien geweest zijn.

Onverrichter zake liep ik met een paar schoenen van een van mijn ouders weer terug naar huis.

Schoenmaker Janson was er niet, om voor mij onbegrijpelijke redenen, en de winkel met atelier was totaal in het duister gehuld.

Enkele dagen later begreep ik van mijn moeder dat de vrouw van mijnheer Janson was overleden. Omstandigheden. Het woord heeft sindsdien altijd een sinistere klank behouden.

Die naargeestige verbinding van het woord ‘omstandigheden’ met sterven wordt kennelijk algemeen zo ervaren. Als er iets totaal anders aan de hand is – het tegenovergestelde bijvoorbeeld – wordt in de annulering van een lezing of de afgelasting van een optreden wel gesproken van „blijde omstandigheden”.

Eigenlijk zijn het altijd omstandigheden die ons leven van alledag beheersen: hoe laat wij van huis gaan, hoe ons programma van de dag eruit ziet, wie wij ontmoeten – of mislopen.

Het zijn ook omstandigheden die ervoor verantwoordelijk zijn waar wij wonen, met wie wij trouwen, wat voor opleiding wij genieten en wat voor werk wij doen, hoe het met onze kinderen afloopt, met onze ouders en met onszelf.

Zalig zijn de mensen die veronderstellen dat er iemand is – Iemand met een hoofdletter – die over al deze omstandigheden regeert en ze in een voorbedachte partituur voor de mensheid als geheel heeft georkestreerd.

Mij is het nooit gelukt dat te geloven. Integendeel: als iemand zou uitvinden waar God woont, in een achterafstraatje waar niemand tot dan toe zijn bestaan had vermoed, zal zijn winkel met atelier er donker en verlaten bij liggen.

Zoals een maffiabaas die men komt arresteren en die er, om uit handen van justitie te blijven, nog net op tijd vandoor is gegaan.

Denk dus maar niet dat Hij de moeite zal hebben genomen om een papiertje met een mededeling achter de ruit te plakken.

Maarten Asscher