Nachtmerrie over vleesetende Chinezen

De prijzen van voedsel en grondstoffen breken vrijwel iedere dag records.

De wereldeconomie kan de vraag uit opkomende landen zoals China niet bijbenen.

Het was een logische beslissing van Kazachstan. Het land zag met lede ogen aan hoe de bevolking haar voedsel bijna niet meer kon betalen. De prijzen stegen in recordtempo. Net als Rusland en Argentinië eerder, nam deze week de Kazachse regering een drastisch besluit: een exporttarief op zomertarwe. Zo blijft er voldoende, betaalbare tarwe over voor de eigen bevolking.

Het gevolg van de exportmaatregel was onmiddellijk te zien op de mondiale graanbeurs in Minneapolis, zo meldden de financiële persbureaus. De prijs van tarwe schoot met een kwart omhoog, de hoogste stijging die ooit op één dag plaatsvond. In een markt die toch al geteisterd wordt door een structureel hogere vraag dan aanbod, kan een land als Kazachstan, met minder inwoners dan Nederland, een mondiale aardschok teweegbrengen.

De tarweprijs staat niet op zichzelf. Vrijwel elke dag breken grondstoffenprijzen records. Olie, steenkool, ijzererts, soja, koper, platina, palmolie, goud. De voedselorganisatie van de Verenigde Naties, de FAO, meldde dat de gemiddelde voedselprijs in 2007 met 40 procent gestegen was. Wat is er aan de hand?

Grondstoffenanalist Paul Braks van de Rabobank zegt dat het in wezen een kwestie van vraag en aanbod is. De vraag groeit harder dan de productie, en in zo’n situatie stijgen simpelweg de prijzen. Toch is er ook volgens hem iets bijzonders aan de hand. „De prijsstijgingen doen zich bij heel veel grondstoffen tegelijk voor, én de stijgingen houden langer aan dan ooit te voren.” Deze effecten versterken elkaar.

Misschien wel de belangrijkste factor van invloed op de gelijktijdige prijsexplosies zijn de honderden miljoenen nieuwe consumenten zich in korte tijd op de wereldmarkt hebben gemeld. Historisch een uniek fenomeen. Deze honderden miljoenen – Chinezen en Indiërs, maar ook Brazilianen en Russen – hebben koopkracht en willen mobieltjes, auto’s, computers, koelkasten, juwelen. Ze eten meer vlees, en drinken meer bier. „De vraag is enorm, en door iedereen volkomen onderschat”, zegt analist Joel Crane van Deutsche Bank.

Europa is gevoeliger geworden voor de wereldprijzen. Dat komt door de marktwerking die in de Europese landbouwpolitiek is geïntroduceerd. Via de invoer werken tegenwoordig de stijging en instabiliteit van de wereldprijzen door in de prijzen op de Europese markt, en dat merkt de Europese consument.

Bier, brood, friet, alles wordt duurder. Veelal vertalen hogere prijzen zich in hogere looneisen. Als bedrijven hogere lonen moeten betalen is er minder geld beschikbaar voor investeringen, waardoor uiteindelijk de economische groei wordt aangetast.

Volgens Deutsche Bank is olie al zes jaar duurder aan het worden, terwijl voorheen de prijspiek na twee jaar al was bereikt. Hetzelfde geldt voor goud en zilver. De prijsstijgingen lijken dus structureel te worden. De gevolgen voor de armen zijn rampzalig. De VN hebben over de hoge voedselprijzen alarm geslagen. Regenwoud gaat tegen de vlakte om aan de enorme vraag naar landbouwgrond te voldoen. Want er is nog een factor: overheden die de productie van biobrandstoffen massaal opvoeren.

Overheden doen dat uit angst om voor olie of gas uitgeleverd te zijn aan staten die politiek instabiel of onbetrouwbaar zijn. Het past bovendien in de strijd tegen klimaatverandering. De vraag naar maïs, suikerriet, sojabonen, palmolie, koolzaad is reusachtig en zonder weerga. „Er is een gevecht om grond gaande”, zegt Braks van de Rabo. Wat moet de boer produceren? Biobrandstoffen, veevoer of menselijk voedsel?

Ten slotte helpen ook de zwakke dollar en de kredietcrisis mee. Als geldmarkten onrustig zijn, verplaatsen beleggers hun geld naar veilige havens. Van oudsher is dat goud, dat de reputatie heeft een goede belegging te zijn in tijden van inflatie en volatiliteit op de beurzen. Inmiddels zijn daar andere grondstoffen bijgekomen. Superbelegger Jim Rogers vatte het laatst bondig samen: „Grondstoffen saai? Hoe kan iets waar je 400 procent rendement op maakt in een jaar nou saai zijn.”

Hector McNiel van het Londense ETF Securities, een van de grotere grondstofhandelaren: „De vraag van beleggers stijgt enorm. We groeien maandelijks met 30 procent, vooral de edelmetalen.” De handel in grondstoffen is zo populair en zo lucratief dat het niet langer alleen banken en pensioenfondsen aantrekt, maar sinds kort ook individuele beleggers.

De productie van grondstoffen heeft de enorme vraaggroei niet kunnen bijbenen, zegt Braks van de Rabobank. Zo hadden tarweboeren het extra moeilijk door uitzonderlijke droogtes in Australië en Europa. Het decimeerde hun oogst. Orkanen in de Golf van Mexico en onlusten in Nigeria brachten olieproducenten grote schade toe. Door stroomonderbrekingen in Zuid-Afrika en China vielen daar aluminiumsmelters stil. „De regering van Zuid-Afrika zegt dat het vijf tot tien jaar duurt voordat daar de stroomproblemen zijn verholpen”, zegt Crane van Deutsche Bank.

„Voorheen was er aan tarwe voor vier maanden aan voorraden op de wereld. Nu nog maar voor twee maanden”, zegt Braks. Dat geeft onrust en angst: zal er straks echt een tekort ontstaan? In zo’n situatie hoeft er maar iets te gebeuren, en de prijzen reageren heftig. Overstromingen in India? De prijs van rijst schiet omhoog. Hoe groter de krapte, hoe sterker de prijzen fluctueren.

Het antwoord is eenvoudig: de productie moet snel opgevoerd. Maar in de mijnbouw is dat lastig. „De koper- en aluminiummijnen produceren al op volle capaciteit”, zegt Crane. Eerdere investeringen in nikkel-, zink- en aluminiumdelving beginnen zich nu uit te betalen, de krapte neemt iets af waardoor de prijzen stabiliseren. Maar de structureel hogere vraag zal ook de nieuwe productiecapaciteit weer snel tot het maximale oprekken.

Ook in de oliesector is de reservecapaciteit (het vermogen om in tijden van nood de productie snel op te voeren) historisch laag. Dus moeten er nieuwe mijnen en olievelden gevonden en aangeboord worden. Maar dat kost tijd. Hetzelfde geldt voor de landbouw. Als een boer nieuwe grond in gebruik wil nemen, moeten er bijvoorbeeld ook wegen naar die grond aangelegd worden. Daarom blijven de prijzen voor agrarische grondstoffen de komende twee tot drie jaar nog hoog én grillig.

Maar het gaat de goede kant op. Brazilië breidt zijn landbouwareaal snel uit. Europa heeft voor dit jaar zijn regeling voor verplichte braakligging (een regeling om overproductie van landbouwgewassen tegen te gaan) opgeheven. Daarmee komt zo’n tien miljoen hectare aan extra landbouwgrond beschikbaar. In de regio om de Zwarte Zee is nog eens 30 miljoen hectare beschikbaar. Bovendien kan in deze streek de opbrengst per hectare nog fors omhoog. „In Kazachstan ligt de opbrengst van tarwe nu op één ton per hectare, in Frankrijk is dat zeven keer zoveel”, zegt Braks van Rabo. Hij verwacht veel van gewassen die beter tegen droogte kunnen. Daar werken veredelaars nu druk aan.

Intussen heeft in Mexico de stijging van tortillaprijzen tot rellen geleid. Ook in Indonesië, Guinee, Mauritanië, Mexico, Senegal, Oezbekistan, Jemen, Pakistan en Burkina Faso braken voedselrellen uit. Volgens de VN-organisatie FAO staan er op dit moment 36 arme landen op de drempel van een crisissituatie. Zonder steun overleven die de problemen op de voedselmarkt niet. De voornaamste voedselprijsindex van de FAO steeg het afgelopen jaar ruim 40 procent. Het jaar daarvoor was dat maar 9 procent.

De vraag naar voedsel zal voorlopig blijven groeien. Alleen al het idee dat een Chinees evenveel vlees gaat eten als een Amerikaan maakt voedseldeskundigen wanhopig. Een Chinees eet nu gemiddeld 60 kilo vlees per jaar. Een Amerikaan vijf keer zo veel. En er zijn 1,3 miljard Chinezen.

Raadpleeg de FAO-lijst van crisislanden via nrcnext.nl/links