De Rus moet en zal zondag naar stembus

Naar de stembus of niet. In Rusland lijkt het aan de vooravond van de presidentsverkiezingen op zondag onmogelijk het stemhokje te vermijden. Want net als in de parlementsverkiezingen in december 2007 is ook nu sprake van kiezersintimidatie en -verleiding. De overheid probeert op allerlei manieren kiezers naar de stembus te lokken. Gouverneurs hebben opnieuw een opkomstquotum opgekregen. Zo wil het Kremlin gedaan krijgen dat de opkomst hoog is en dat zijn kandidaat, Dmitri Medvedev, zondag minstens 65 procent van de stemmen haalt.

De verleidingskunsten zijn gevarieerd. Zo krijgen jonge kiezers korting bij de nachtclub, kun je zondag bij stembureaus goedkope grutterswaren kopen en worden medewerkers van scholen en ziekenhuizen met ontslag bedreigd als ze niet gaan stemmen. In Moskou hebben veel leraren en artsen in overheidsdienst bevel gekregen om in hun school of ziekenhuis te stemmen. Een medewerkster van een onderhoudsbedrijf voor staatsappartementen kreeg te horen dat haar bazen voor haar en haar collega’s zouden gaan stemmen als de opkomst bij bepaalde stembureaus tegenviel.

In Vladivostok moeten leraren hun bazen vanuit de stembureaus bellen om te melden dat ze hebben gestemd. Ook moeten ze ouders van hun leerlingen aanmoedigen naar de stembus te gaan. En in Sint Petersburg krijgen leraren een vrije dag als ze zondag gaan stemmen.

Minder leuk is dat particuliere bedrijven van de lokale autoriteiten te horen hebben gekregen dat ze een boete van de belasting krijgen als ze hun medewerkers niet massaal naar de stembus jagen. En op sommige universiteiten zijn studenten door hun docenten bedreigd met onvoldoendes als ze niet gaan stemmen.

Volgens voorzitter Tsjoerov van de Centrale Kiescommissie is het helemaal niet strafbaar als bazen en activisten kiezers ‘aanmoedigen’ naar de stembus te gaan. Er was nergens sprake van druk, zei hij.