Bescheiden, bedachtzaam steunpilaar Het Parool

Max Nord was journalist, dichter en letterkundige. Hij behoorde tot de eerste generatie redacteuren van Het Parool tijdens de Duitse bezetting, toen die krant nog in de illegaliteit zat.

Eigenlijk had Max Nord een gevierd dichter willen worden, maar zijn echte kracht bleek te liggen in een rol op de achtergrond. Dat schreef hij zelf, in 1998, in zijn autobiografische boek Achterwaarts. En op de achtergrond is hij gedurende zijn lange leven buitengewoon actief geweest in een groot aantal rollen: als journalist, letterkundige en biograaf.

Max Nord, die gisteren op 91-jarige leeftijd overleed, volgde een studie politieke wetenschappen in Parijs en begon in 1938 als verslaggever bij de Haagse krant Het Vaderland, waar de door hem hogelijk bewonderde Menno ter Braak letterkundig redacteur was. Samen met Ter Braak vertaalde Nord het antinaziboek Hitlers eigen woorden. Beide vertalers hing een rechtzaak wegens „belediging van een bevriend staatshoofd” boven het hoofd. Maar voordat het zo ver kwam, was Nederland bezet.

Tijdens de bezetting raakte Nord betrokken bij de illegale krant Het Parool, waarvan hij een van de belangrijkste steunpilaren werd. Uit die tijd stammen ook zijn levenslange vriendschappen met Wim van Norden en Simon Carmiggelt. Met hun gezinnen woonden ze in één huis aan de Reguliersgracht in Amsterdam, het door de bezetters nooit ontdekte zenuwcentrum van Het Parool.

Na de bevrijding, toen die krant bovengronds kwam, werd hij kunstredacteur. Na het onverwachte vertrek van hoofdredacteur G.J. van Heuven Goedhart, die in 1950 voor een carrière bij de Verenigde Naties koos, werd Nord nadrukkelijk gevraagd diens opvolger te worden. Nord vond echter dat zijn leidinggevende kwaliteiten tekortschoten. Pas na lang aandringen trad hij aan als plaatsvervangend hoofdredacteur, met de belofte dat hij na een jaar correspondent in Parijs mocht worden. Die functie vond hij de mooiste die hij ooit heeft bekleed.

Daarnaast verrichtte Nord een groot aantal nevenactiviteiten, waaronder het voorzitterschap van de Vereniging van Letterkundigen. Verder schreef hij schrijversbiografieën (onder andere over Pirandello, Albert Helman en Josepha Mendels) en veel essays.

Max Nord was een bescheiden en bedachtzaam man, die zijn immense kennis op journalistiek en letterkundig gebied graag met anderen deelde. Steeds vaker was hij de laatste die het allemaal zelf nog had meegemaakt en de grote namen uit het verleden zelf nog had gekend.