Muziek teken ontspanning N-Korea

Nieuwsanalyse

Terwijl het overleg over de ontmanteling van het Noord-Koreaanse nucleaire programma moeizaam verloopt, maakten musici een diplomatiek gebaar.

Met diplomatieke finesse was het programma samengesteld voor het uitzonderlijke concert dat The New York Philharmonic gisteravond gaf in het communistische Noord-Korea. En met groot enthousiasme applaudisseerde het publiek voor de Amerikaanse musici die, onder leiding van dirigent Lorin Maazel, een muzikaal zetje kwamen geven aan de moeizame pogingen de bittere vijandigheid tussen de twee landen te verminderen.

In Washington werd gisteren tegengesproken dat in de grote concertzaal in Pyongyang een doorbraak had plaatsgevonden. „Uiteindelijk beschouwen we dit concert gewoon als een concert”, zei een woordvoerder van het Witte huis nuchter. „Het is geen diplomatieke coup.” Het overleg over de ontmanteling van het nucleaire programma van Noord-Korea, dat in 2006 een kleine kernbom tot ontploffing bracht, verloopt nog onverminderd stroef.

Maar een teken van beginnende politieke ontspanning was het zeker, dat in het stalinistische Noord-Korea, door president Bush in 2002 ingedeeld bij de As van Kwaad, een van Amerika’s beste orkesten kwam spelen. Het concert werd direct uitgezonden op de Noord-Koreaanse radio en tv, voor een publiek dat decennialang is ingeprent dat de Verenigde Staten de grote vijand zijn, gebrand op de vernietiging van het vaderland.

Op het podium stonden de vlaggen van beide landen. In de zaal zaten dames en heren, vrijwel zonder uitzondering voorzien van een speldje van de Koreaanse leider Kim Jong-il of zijn vader Kim Il-sung. En ze stonden allemaal op, niet alleen toen het Noord-Koreaanse, maar ook toen het Amerikaanse volkslied werd gespeeld.

Daarna zette het ruim honderd man sterke orkest, waarin acht musici met een Koreaanse achtergrond, de prelude van de derde akte van Wagners Lohengrin gevolgd door Dvoráks symfonie Uit de Nieuwe Wereld. Maar daarmee was het ijs nog niet gebroken. „Het applaus was van het soort dat dit publiek zou kunnen geven na een revolutionaire opera over landbouwproductie”, schreef de recensent van de Financial Times.

Honderden journalisten en medewerkers vergezelden het orkest op zijn tweedaagse reis naar het gesloten land. Sinds de Koreaanse oorlog (1950-1953), hadden niet meer zo veel Amerikanen Noord-Koreaans grondgebied betreden.

Vervolgens speelde het orkest het uitbundige An American in Paris, „geschreven door Amerika’s bekendste componist”, legde Maazel het publiek van te voren uit. „Misschien zal een componist ooit een werk schrijven dat Amerikanen in Pyongyang heet.” George Gershwins muziek oogstte een stormachtig applaus.

„Je kan een volk niet demoniseren als je naar hun muziek luistert”, zei de voormalige Amerikaanse minister van Defensie William Perry, die het concert bijwoonde, na afloop. „En je begint geen oorlog als je ze niet eerst gedemoniseerd hebt.” Hij noemde het concert subliem en historisch.

De meeste emoties werden losgemaakt door een Koreaans volksliedje, Arirang, dat op voorstel van een Amerikaanse diplomaat op het programma was gezet. Al bij de openingsmaten van het stuk, dat over scheiding gaat en in zowel Noord- als Zuid-Korea geliefd schijnt te zijn, ging er volgens de verslagen een zacht gefluister door de rijen. Met een minutenlange staande ovatie werden Maazel en zijn orkest beloond.

Totaal onverwacht hadden de Amerikanen in augustus een fax ontvangen van het Noord-Koreaanse ministerie van Cultuur met een uitnodiging te komen spelen. Na overleg met het ministerie van Buitenlandse Zaken in Washington, en nadat Pyongyang ermee had ingestemd dat de uitvoering rechtstreeks zou worden uitgezonden en dat er journalisten mochten meerreizen, werd de uitnodiging aangenomen.

Binnen de Amerikaanse regering hadden de voorstanders van een harde lijn tegenover Noord-Korea, zoals vicepresident Dick Cheney, eerder die zomer al het onderspit gedolven tegen voorstanders van ontwapeningsafspraken. Vertegenwoordigers van de eerste groep benadrukken dat Noord-Korea niet alleen op grote schaal de mensenrechten schendt, maar ook heeft bewezen een onbetrouwbare onderhandelingspartner te zijn.

De grootste krant van Noord-Korea had zijn voorpagina vandaag ingeruimd voor ander groot nieuws: het bericht dat de Geliefde Leider bloemen had gestuurd aan Cuba’s nieuwe president, Raúl Castro. Maar toch heeft Noord-Korea de smaak te pakken. Gisteren werd bekend dat de Democratische Volksrepubliek Korea nu ook gitarist Eric Clapton heeft uitgenodigd.