Mensenrechten zijn politiek

Hein Verbruggen houdt toezicht op de organisatie van de Spelen in Peking.

Over mensenrechten wordt wel degelijk gepraat, zegt hij.

Hein Verbruggen bezweert dat de mensenrechten regelmatig en intensief onderwerp van gesprek zijn tussen het Internationaal Olympisch Comité (IOC) en de Chinese autoriteiten. Dat gebeurt alleen niet openlijk, zegt de voorzitter van de IOC­commissie die toezicht houdt op de organisatie van de Olympische Spelen in Peking. Want het is een politiek onderwerp. En daarin mengt het IOC zich formeel niet.

„Natuurlijk wordt er over gesproken, omdat de situatie van de mensenrechten effect heeft op de Olympische Spelen”, zegt Verbruggen. Het verwijt van actievoerders dat het IOC geen oog heeft voor mensenrechtenschendingen in China werpt het Nederlandse IOC-lid daarom verre van zich. Amnesty International bijvoorbeeld zegt dat het IOC zijn belofte om toe te zien op een verbetering van de mensenrechten niet nakomt. Zo zouden de lokale autoriteiten in Peking begin 2006 zelfs besloten hebben de straf ‘heropvoeding door arbeid’ te gebruiken om de stad schoon en veilig te maken en te zorgen dat de Spelen ordelijk zullen verlopen.

Verbruggen voert periodiek overleg met niet­gouvernementele organisaties die in China actief zijn, waaronder Amnesty International. „Opvallend is dat niet één van die groeperingen voor een boycot van de Spelen heeft gepleit. Ze hebben wel stuk voor stuk aangekondigd de druk tijdens de Spelen te zullen opvoeren. Maar daar houden we in de organisatie rekening mee; we denken te weten welke acties we kunnen verwachten.”

Verbruggen is vooral boos op cabaretier en oud-cricketer Erik van Muiswinkel en Tweede Kamerlid Joël Voordewind (ChristenUnie). Van Muiswinkel riep op tot een boycot, Voordewind vroeg de Nederlandse delegatie om symbolisch weg te blijven bij de openingsceremonie.

In Verbruggens ogen bedrijven de twee populisme en maken ze misbruik van de sport. „Ik zie daar iets denigrerends ten opzichte van de sport in. Zo’n houding kom ik vooral tegen onder intellectuelen. Zo van: ‘Die jongens zijn niet de slimsten, ze laten zich makkelijk voor mijn karretje spannen.’

„Ik hoor Van Muiswinkel zeggen dat hij niets tegen het bezoek van een handelsdelegatie aan China heeft. Nee, dan is er iets te verdienen, dat mag wel. Maar voor de sport geldt dat niet? Ik hoor hem denken: ‘Ach, die weten toch niets, die zijn een beetje kortzichtig.’ Tegen zo veel dédain kom ik in opstand.”

En Verbruggen is teleurgesteld dat zwemtrainer Jacco Verhaeren op de golf van protesten meelift. „Ik vind hem een meeloper. Hoezo, het IOC doet niets voor de sporters? Bekijk onze website en je zult zien dat het niet zo is.” De zoekterm ‘human rights’ op de IOC-website levert 67 resultaten op, waarvan twee over mensenrechten: de algemene opmerking uit het olympisch charter dat sport de mensenrechten kan stimuleren, en de vaststelling dat sport een mensenrecht is.

Bovendien, zegt Verbruggen, „als Verhaeren het IOC nalatigheid verwijt, waarom belt hij dan niet eerst met voorzitter Jacques Rogge of met mij. Ik communiceer toch ook niet eerst via de pers? Ik heb Voordewind gebeld nadat hij had geroepen dat de Nederlandse ploeg maar moest wegblijven bij de openingsceremonie van de Spelen. Wat is dat voor politiek opportunisme? Als de KLM weer een nieuwe lijn naar China opent, hoor ik hem niet. Evenmin als in Peking een gebouw van architect Rem Koolhaas wordt neergezet. Nee, dan is het muisstil.”

Verbruggen is ervan overtuigd dat de Olympische Spelen op termijn tot verbetering van de mensenrechten in China leidt. Hij vraagt de critici alleen om geduld. En een houding aan te nemen waarmee de Chinezen niet worden geschoffeerd, omdat dat juist contraproductief zou werken.

Nee, er zijn volgens Verbruggen geen afspraken over mensenrechten vastgelegd, zoals dat wel is gebeurd rond de milieuproblematiek in Peking. Vanaf komend weekeinde treden er strenge regels voor uitlaatgassen in werking om luchtvervuiling tegen te gaan. „Als het IOC politieke eisen aan een organiserend land gaat stellen, waar is dan de grens? Het IOC behoort neutraal te blijven, dat kan niet anders.”

„We hebben wel afgedwongen dat de buitenlandse pers tijdens de Spelen in alle vrijheid zijn werk kan doen. Maar dan maakt Amnesty International er weer een punt van dat die regeling niet geldt voor de Chinese media. In dat geval treed je in de nationale wetgeving en dat kan het IOC niet. Persvrijheid komt er, maar daar moet je de Chinezen de tijd voor gunnen.”

Tel je zegeningen als het gaat om verbetering van misstanden in China, vindt Verbruggen. „Neem de accreditatie. Die geldt tevens als visum. China laat tijdens de Olympische Spelen 40.000 mensen toe van wie wij hebben verboden dat die extra gescreend mogen worden.”

Nu de kritiek op China toeneemt beseft ook Verbruggen dat de protesten de sportprestaties kunnen gaan overschaduwen. „Dat is inderdaad een risico. Maar uiteindelijk denk ik dat de balans positief zal uitvallen. Ik ben ervan overtuigd dat de Spelen China, vooral op sociaal-economisch gebied, veel goed zullen brengen.”

Is het tumult rond de Olympische Spelen opportunistisch? Discussieer mee op nrcnext.nl/opinie