‘De Perzen zijn altijd op expansie gericht’

Vanuit de Arabische Golfstaten ziet het huidige Iran er gevaarlijk uit, zegt de Koeweitse analist dr. Sami Alfaraj. ‘Een regime met een messianistische, expansionistische visie.’

Iran zal nooit ook maar het kleinste deel van zijn nucleaire programma opgeven, is het refrein van de Iraanse president Ahmadinejad. „Ze kunnen 100 jaar resoluties afkondigen, maar het deert ons niet”, zei hij zaterdag nog.

Als de Iraniërs denken dat ze hiermee wegkomen, hebben ze het mis, zegt dr. Sami Alfaraj, directeur van het Koeweitse Centrum voor Strategische Studies en onder andere adviseur van de secretaris-generaal van de Samenwerkingsraad van de Golf (GCC).

„Er zijn een hoop voorbeelden van leiders die onderuit gingen omdat ze zo’n misrekening maakten, zoals Saddam Hussein tijdens de Golfcrisis van 1990-91 en opnieuw, en fataal, in 2003. De Iraanse islamitische republiek is niet zo machtig als ze zelf wel denkt.”

Dr. Alfaraj was eerder deze maand een van de sprekers op een symposium in Brussel over de ‘implicaties van Irans nastreven van regionale invloed op de veiligheid in de Golf, nucleaire proliferatie en steun voor terroristische organisaties’. De bijeenkomst was georganiseerd door Réalité-EU, een onafhankelijke groep die informatie levert over ontwikkelingen in en om het Midden-Oosten die haars inziens een gevaar vormen voor Europa en daarbuiten.

Maar waarom maakt iedereen zich eigenlijk zoveel zorgen? Iran zegt dat het alleen een vreedzaam atoomprogramma heeft. En zelfs al zou Iran een kernwapen ontwikkelen, het is een stuk stabieler dan Pakistan dat onbetwistbaar kernbommen heeft én een Al-Qaeda-aanwezigheid, maar dat als een betrouwbare westerse bondgenoot geldt.

„Voor een burger van de Arabische Golfstaten is dat om verschillende redenen een verkeerde perceptie”, antwoordt dr. Alfaraj in een vraaggesprek na afloop van het symposium in het gebouw van het Europees Parlement.

„Het is geen democratische staat; de regering is in handen van niet-gekozen organen. En verder: als een stabiele staat terreur gebruikt als een element om zijn buitenlandse politiek te ondersteunen, dan is hij nog gevaarlijker dan een terreurorganisatie.”

Ja, aldus Alfaraj, het Iraanse regime is inderdaad stabieler dan het Pakistaanse. En het heeft meer geld en het niveau van het onderwijs en de technologische kennis ligt er veel hoger. „Dat maakt Iran inderdaad een heel ander geval dan Pakistan.” Namelijk veel gevaarlijker.

De Perzen, zegt Alfaraj, zijn altijd op expansie gericht geweest; ze hebben onder Darius de Grote zelfs Syrië en Egypte en Jemen bezet en nooit hebben ze uit vrije wil hun expansie gestaakt.

„Iran is van nature expansionistisch, door de kracht van zijn aantal en zijn omvang en zijn behoefte aan materiaal en bufferzones voor zijn veiligheid. En nu wil het ook nog een nucleaire macht worden! Het betoogt dat het het recht heeft om met een vreedzaam nucleair programma energie op te wekken. Maar we moeten niet vergeten dat het Iraanse programma altijd een geheim programma is geweest.”

En verder: we praten over een regime met een messianistische visie. „Gekoppeld aan nucleaire wapens is dat een explosieve cocktail. De huidige nucleaire mogendheden – zelfs Noord-Korea – hebben niet een dergelijke messianistische, expansionistische visie.”

„Ten slotte ligt Pakistan in een ander regionaal systeem. Iran maakt deel uit van ons eigen systeem. Het is een heel groot land, dat is ook belangrijk, met twee keer zoveel inwoners als de hele GCC samen. Alleen door Jemen en Irak in de GCC op te nemen, zouden we in inwonertal in evenwicht komen.”

Maar, zo bedenkt hij zich, „dan zouden we een heleboel Iraakse shi’ieten incorporeren. En die zou Iran weer beschouwen als een voertuig om zijn messianistische visie in het regionale systeem te introduceren.”

Toch is er de laatste maanden sprake van een zekere toenadering van de Golfstaten tot Iran.

„Dat is gezond verstand. We zijn erg bezorgd over de sfeer van confrontatie, maar een confrontatie vormt een gevaar en biedt een kans. We willen die kans gebruiken om de Iraniërs ertoe te bewegen redelijker te reageren op de oproepen van de internationale gemeenschap. Waarom zijn we actiever dan tevoren? Omdat we een kans hebben om andere scenario’s af te wenden.”

De Arabische Golfstaten zijn volgens Alfaraj daartoe beter geëquipeerd dan het Westen. „We hebben een gemeenschappelijk erfgoed, we hebben dezelfde taal en symbolen, we zijn buren, we zijn allemaal moslims, we hebben dezelfde regels om te onderhandelen die zijn ontleend aan het islamitisch recht. We hebben gemeenschappelijke belangen.

„Iran, dat nog steeds bezig is te herstellen van acht jaar oorlog tegen Irak, heeft investeringen nodig, en wij hebben het geld daarvoor. Dit zijn business-kansen voor ons. Waarom zijn we actief? Omdat we de plicht hebben om hun de ogen te openen voor de kansen. Dat we kunnen samenwerken in plaats van de confrontatie te zoeken.”

Het gebied heeft genoeg revoluties en oorlogen achter de rug, zegt hij. Iran had toch beloofd het model te worden van een rechtvaardige staat? „Zo prijzen ze zich steeds aan. Maar Ahmadinejad probeert net zoals de Talibaan zijn revolutie verspreiden, naar Saoedi-Arabië, naar Libanon. Maar wie wil nog een islamitische staat? Vraag het de Libanezen, vraag het de Irakezen. Zijn dat shi’ieten? Ja! Maar willen ze een islamitische staat zoals Iran? Nee. Ze willen geen Opperste Leider. De belangrijkste shi’itische geestelijk leider, grootayatollah Sistani, heeft dat zelf met zoveel woorden gezegd.”

Alfaraj vreest dat het machtsevenwicht in het Golfgebied in Irans voordeel wordt verstoord, als Teheran zijn huidige koers voortzet. En vervolgens voorziet hij een nucleaire wapenwedloop. „Waarom moet Iran de enige kandidaat-nucleaire macht zijn in een heel instabiel gebied? Dan krijg je niet alleen de GCC, maar ook Egypte en Kazachstan, allemaal het recht claimend op kernwapens.”

Is het gevaar zó groot, dat de GCC zelfs een Israëlische aanval op Iran zou aanvaarden?

„Ik denk niet dat de Israëliërs op onze mening wachten. Maar ik zeg u dit: vraag iedere Koeweiti naar zijn mening over de Israëlische aanval op de Iraakse kernreactor in 1981. Was dat in zijn voordeel? Hij zal dat beamen. Als je hem vraagt naar 2008, zal niemand vrijwillig een antwoord geven, Maar ik ben er zeker van dat hij na afloop ja zou zeggen.”

Maar oorlog is niet de koers die we wensen, zegt Alfaraj. Pas als alles faalt, zullen de wapens spreken. „Oorlog is voor de Golfstaten zoiets als de Dag des oordeels. Als er in het Golfgebied een aanval wordt uitgevoerd – of het nu door A, B of C is – dan zitten wij in het midden. Oorlog is voor geen van de Golfstaten hanteerbaar.”