Bestuurlijke brandjes

Burgemeester Rombouts van Den Bosch en wethouder Eugster (CDA, zorg) hebben gisteravond gezegd dat zij beter hadden moeten overleggen met de bewoners van de wijk Kruiskamp alvorens ze besloten in te stemmen met de vestiging van een hostel voor dak- en thuislozen aldaar. Het pand waar dat hostel zou komen, ging vrijdagnacht in vlammen op. Buurtbewoners, die fel tegen de komst van het hostel waren, keken tevreden naar de asresten en maakten geen geheim van hun opluchting.

De suggestie van brandstichting was gauw gedaan en impliciet drong zich de gedachte op dat daar Kruiskampers achter zaten. Vanochtend maakte de politie bekend dat harde bewijzen niet te leveren zijn, al blijft het vermoeden van brandstichting aanwezig. Wat rest is ten eerste een verslechterde verhouding tussen de gemeente en de bewoners en ten tweede een nog moeilijker opgave om in Den Bosch plekken te vinden voor de vijf of zes hostels voor de circa 150 bewoners met zowel een psychisch als een verslavingsprobleem.

De verklaring van B en W dat ze voortaan zorgvuldiger met wijkbewoners zullen communiceren, strookt niet erg met wat de burgemeester kort na de brand meldde, namelijk dat de gekozen plek in Kruiswijk het resultaat was van „een zorgvuldige afweging van alle belangen”. Pijnlijk is ook de zekerheid dat op deze plek in elk geval geen hostel meer zal komen. Zo ontstaat de indruk dat eigenrichting, of daarvan in dit geval nu sprake was of niet, doeltreffend kan zijn.

Het is in het belang van Den Bosch en zijn bewoners dat psychisch gehandicapte daklozen goed worden gehuisvest en begeleid. Zonder twijfel is dat een lastig te realiseren doel. Maar al binnen een maand nadat B en W hadden ingestemd met de hostels, viel ook het besluit dat het omstreden pand in Kruiskamp als eerste daarvoor zou worden benut. Zo’n kort tijdsbestek duidt niet op zorgvuldigheid. En de haast heeft averechts gewerkt: de komst van de hostels heeft nu alleen maar vertraging opgelopen.

De ervaring in Den Bosch is leerzaam voor gemeenten, maar ook voor de rijksoverheid. De irritatie in het kabinet en in de Tweede Kamer over trage procedures neemt toe, alsmede de drang daar iets aan te doen. Premier Balkenende gaf er deze maand blijk van bij werkgeversorganisatie VNO-NCW. Minister Eurlings (Verkeer, CDA) heeft de commissie-Elverding ingesteld die eind maart zal laten weten hoe infrastructuur versneld kan worden aangelegd. En CDA, PvdA en VVD hebben een initiatiefwetsvoorstel ingediend om te bereiken dat na een voor de overheid negatieve uitspraak van de bestuursrechter procedures kunnen worden versneld.

Voor deze stroomlijning is veel te zeggen, zolang de burger maar niet lichtvaardig buitenspel wordt gezet door ongeduldige bestuurders. Besluitvaardigheid is een nuttige eigenschap, maar de ware bestuurder bouwt eerst draagvlak.