Pool stopt geld weer onder matras

Voor de meeste belegers in Polen zijn de koersdalingen sinds de kredietcrisis de eerste negatieve ervaring met de beurs. Tot nu toe ging die vooral omhoog.

Ludwik Sobolewski baalt als een stekker, want het ging net zo lekker met de beurs van Warschau, zíjn beurs. En dan nu dit.

Ook in Polen raakten beleggers massaal in paniek door de nasleep van de kredietcrisis in de Verenigde Staten. In een handomdraai haalden ze naar schatting 10 miljard zloty (2,8 miljard euro) uit de markt. Terug de oude sok in, onder het matras.

„Op dit moment heeft vooral de psyche invloed op de markt, niet de ratio”, verzuchtte beursdirecteur Sobolewski in een recent interview met Gazeta Wyborcza. „We zijn veel gevoeliger voor pessimistische berichten uit de wereld dan voor optimistische berichten uit onze eigen economie, waaraan bepaald geen gebrek is. Die worden nu genegeerd.”

Maar onbegrijpelijk is de paniek niet. De beurs van Warschau werd pas in 1991 opgericht, na de val van het communisme. Het is een jonge beurs en voor veel beleggers is de huidige malaise de eerste nare ervaring. De vorige grote beurscrisis – toen de internetzeepbel uiteen spatte – ging grotendeels aan de Polen voorbij, want in 2000 was beleggen niet zo populair.

„In de jaren negentig werd gehandeld door een kleine, maar actieve groep beleggers”, zegt Przemyslaw Kwiecien, analist van X-Trade Brokers. „De laatste jaren zijn er veel passieve beleggers bijgekomen, die in fondsen zitten en het normaal zijn gaan vinden dat hun kapitaal jaarlijks met 20 tot 25 procent groeit. Die ontdekken nu dat beleggen geen magie is.”

De Poolse beurs, Gielda Papierów Wartosciowych, is gevestigd in het voormalige hoofdkwartier van de Communistische Partij: een vierkant, Stalinistisch gebouw in het centrum van Warschau. Dat de beurs juist dáár zit is misschien wel het ultieme symbool van de triomf van het kapitalisme op het marxisme.

De Polen ondervonden in de jaren negentig de keerzijde van die overwinning: gierende geldontwaarding, torenhoge werkloosheid en harde hervormingen. Maar de laatste jaren worden daarvan de vruchten geplukt. En die vruchten zijn door menigeen weer geïnvesteerd op de beurs.

Van de 38,6 miljoen Polen hebben er bijna een miljoen een particuliere rekening bij een aandelenmakelaar. Daarnaast waren in september vorig jaar ongeveer 3,3 miljoen Polen ingeschreven bij beleggingsfondsen (exclusief pensioenfondsen), een miljoen meer dan eind 2006. De economische groei van de laatste jaren heeft de Polen rijker, maar ook zorgelozer gemaakt. „Veel mensen zijn in de zomer van 2007, op een hoogtepunt, ingestapt”, zegt Kwiecien. „Vooral voor hen is dit een pijnlijke les in risico.”

In Polen gingen de aandelenprijzen harder omlaag dan elders. Vanmorgen stond de WIG-20, de eredivisie van de Poolse beurs, 28 procent lager dan op 29 oktober, de piek van 2007. De AEX, Nikkei en Dow Jones gingen in dat tijdsbestek allemaal met ongeveer 20 procent omlaag, de FTSE 100 in Londen met 12 procent. Sobolewski ziet twee redenen voor de extra harde koersdaling: de grote afhankelijkheid van buitenlandse investeringsfondsen, die goed zijn voor 30 procent van de omzet en als eersten begonnen te verkopen. En onverantwoordelijke uitspraken van analisten. „Je mag niet zeggen: de Apocalyps is op handen, punt uit, aldus de beursdirecteur.

De malaise komt na een topjaar. In 2007 zag Warschau in Europa het op één na grootst aantal beursgangen: 81. Dat zijn er 41 méér dan Amsterdam en 18 minder dan Londen, dat vorig jaar de kroon spande, en met een totale waarde van omgerekend 5,05 miljard euro, bijna vijf keer zoveel als in 2006. Het was ook het jaar van de grootste beursgang in de Poolse beursgeschiedenis. Immoest, een van oorsprong Oostenrijkse exploitant van bedrijfspanden en appartementen, wist in mei 3 miljard euro op te halen. Het heeft de regionale positie van de beurs flink verstevigd. Van de grootste tien bedrijven in Centraal Europa zijn er zes in Warschau genoteerd.

Het aantal buitenlandse bedrijven op de beurs verdubbelde in 2007, tot 23 (van de in totaal 351 noteringen). Ook twee Nederlandse bedrijven maakten vorig jaar hun beursdebuut in Polen: Plaza Centers, dat winkelcentra beheert, ging in oktober, een maand later volgde projectontwikkelaar Ronson Europe. Een blik op de indexen maakt duidelijk dat de wederopbouw van Polen en omringende landen in volle gang is, maar 2007 was ook het jaar van de beursgang van Kernel, een grote Oekraïense producent van zonnebloemolie.

Al in augustus verschenen de eerste tekenen dat 2008 waarschijnlijk geen beursgangrecords zal opleveren. Verschillende beurskandidaten moesten de introductieprijs van hun aandelen verlagen, soms wel met 25 procent. Naast al het positieve nieuws uit 2007 vestigde het Poolse softwarebedrijf Quantum die maand ook een negatief record: op de eerste handelsdag daalde het aandeel met 20 procent. Daarmee was de slechtste Poolse beursgang ooit een feit. En ook Plaza Centers en Ronson hebben hun aandelen tot nu toe vooral zien dalen.

„Vorig jaar werd duidelijk dat er een soort correctie zou gaan plaatsvinden", zegt Kwiecien. „Veel aandelen zijn opgestuwd door de nieuwe stroom beleggers. Ze waren gewoon te duur. Sinds een week lijkt er weer sprake van herstel, maar het zal nog wel even duren voordat beleggers terugkeren.”