In juli nog 140.000 militairen VS in Irak

Het Amerikaanse ministerie van Defensie verwacht in juli na voltooiing van de huidige terugtrekking van troepen uit Irak nog 140.000 militairen in het land gelegerd te hebben. Dat betekent dat er dan 8.000 man meer in Irak zullen zijn dan vóór the surge, de troepenversterking die een jaar geleden door president Bush werd bevolen om het sterk toegenomen geweld in Irak te bedwingen.

Generaal Carter Ham, directeur operaties van de verenigde chefs van staven, zei gisteren in Washington dat dat het prematuur is om over verdere terugtrekkingen te spreken. Het geweld in Irak is vorig jaar inderdaad aanzienlijk verminderd, door een aantal factoren – het staakt-het-vuren van de radicale shi’itische militieleider Muqtada Sadr, het offensief van sunnitische milities tegen Al-Qaeda-in-Irak en de ongeveer 30.000 extra Amerikaanse militairen.

Amerikaanse commandanten in Irak blijven echter zeer voorzichtig. Zij wijzen erop dat de vooruitgang breekbaar is en er hoe dan nog veel te veel geweld is. De laatste paar dagen zijn bij aanslagen op shi’itische pelgrims ongeveer 80 doden gevallen.

De shi’itische stad Kerbala is intussen zwaar beveiligd in verband met de viering van het einde van de 40 dagen durende rouwperiode voor imam Hussein, een van de meest vereerde figuren van de shi’itische islam. Hiervoor worden miljoenen pelgrims in Kerbala verwacht. In drie kordons in en rond de stad zijn 50.000 militairen en politiemannen gestationeerd.

Het Amerikaanse leger heeft de chef politieke programma’s van een van Iraks grootste televisiestations, Hafedh al-Beshara, opgepakt omdat hij mogelijk informatie heeft over „door Iran gesponsorde criminele activiteit”. Zijn zoon wordt beschuldigd van lidmaatschap van een door Iran gesteunde shi’itische militie. Iran ontkent overigens dergelijke groepen te steunen. Het televisiestation, Al-Furat, is eigendom van de Opperste Islamitische Iraakse Raad, de grootste shi’itische partij in de coalitie van premier Maliki. (Reuters, AP, AFP)