Pelgrims doelwit aanslagen in Irak

Ondanks verscherpte veiligheidsmaatregelen rond de voorbereidingen voor een grote shi’itische religieuze plechtigheid zijn gisteren bij een zelfmoordaanslag bij de Iraakse stad Iskandariya zeker 63 pelgrims gedood. De aanslag wordt aan sunnitische extremisten toegeschreven.

De pelgrims onderbraken hier, 30 kilometer ten zuiden van Bagdad, hun voettocht naar Kerbala, waar woensdag het einde van de 40-daagse rouwperiode voor de dood van imam Hussein, een van de heiligste figuren van de shi’itische islam, wordt gevierd.

De Iraakse autoriteiten hebben Bagdad en belangrijkste shi’itische steden in bijna-vestingen veranderd om de pelgrims te beschermen, maar daarbuiten zijn ze kwetsbaar. Vanochtend werden weer drie pelgrims gedood bij een bomexplosie aan de rand van de Iraakse hoofdstad. Gisteren werden eveneens drie mensen gedood bij een aanslag in de overwegend sunnitische wijk Dora in Bagdad.

In de Iraakse stad Samarra werd vanochtend een politiegeneraal gedood toen een zelfmoordterrorist in een rolstoel zich in een politiecentrum opblies. De dader had de generaal te spreken gevraagd om hem officiële documenten te overhandigen, aldus de politie. Hij was al enkele malen onverrichterzake langsgeweest.

Zaterdag werd bij aanslag in Falluja een leider gedood van de sunnitische milities die met Amerikaanse steun vechten tegen Al-Qaeda-in-Irak. De aanslag op diens woning werd volgens de politie uitgevoerd door vijf mannen die tot de sunnitische terreurgroep behoorden. De daders vonden allemaal eveneens de dood.

In Bagdad werd zaterdag de voorzitter van de Iraakse journalistenvereniging, Shibab al-Timimi, zwaar gewond toen onbekende mannen het vuur op hem openden. In Irak zijn de afgelopen vijf jaar meer dan 100 journalisten vermoord, van wie vorig jaar alleen al bijna 50. (Reuters, AFP, AP)